Aangifteformulier personenbelasting AJ 2019: enkele nieuwigheden toegelicht

Voortaan ook ‘hoge’ forfaitaire kostenaftrek voor zelfstandigen en andere wijzigingen.

Het nieuwe aangifteformulier personenbelasting voor aanslagjaar 2019 werd op 7 april gepubliceerd, het startschot voor de jaarlijkse aangifterace is dus gegeven. Voor de Vlaamse aangifte zijn er “slechts” 6 codes bijgekomen en voor de Waalse en de Brusselse aangifte telkens “slechts” 7 codes. Toch mag men nog niet te vroeg juichen, er zijn namelijk een groot aantal nieuwe maatregelen die vanaf dit jaar spelen. Maar door het schrappen van ‘oude’ codes wordt de aanwas aan nieuwe codes beperkt. Hieronder een overzicht van de belangrijkste nieuwe codes/wijzigingen.

Bijkomende belastingverminderingen
De federale overheid heeft in 2018 meerdere nieuwe belastingverminderingen ingevoerd, die dus ook meestal een nieuwe code krijgen.

Pensioenovereenkomst voor zelfstandigen ‘POZ’ (code 1342/2342)
Zelfstandigen kunnen sinds 2018, naast het reeds bestaande Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen, ook een bijkomend pensioenspaarpotje aanleggen middels het POZ. Niet alle zelfstandigen kunnen dit echter, enkel de zelfstandigen buiten vennootschap (zelfstandigen met winst of met baten en meewerkende echtgenoten) komen hiervoor in aanmerking. Om de aanwas aan nieuwe codes te beperken werd geopteerd om dit onder 1 code op te nemen bij de belastingverminderingen. In deze code moet de zelfstandige het betaalde bedrag voor zijn nieuwe POZ opnemen, dewelke recht geeft op een belastingvermindering van 30%. Op het einde van de rit betaalt de zelfstandige 10% belasting op zijn POZ-kapitaal.

Aandelen groeibedrijven (code 1334/2334)
In 2015 werd de belastingvermindering ingevoerd voor investeringen in aandelen van startende kmo’s (“tax shelter”) en sinds vorig jaar is het ook mogelijk om op een fiscaal interessante wijze te investeren in zgn. “groeibedrijven”, wanneer deze nieuwe aandelen uitgeven n.a.v. een kapitaalverhoging. Starter is een kmo de eerste vier jaar na haar oprichting, de volgende zes jaar is het een groeier. Verder is voor een groeibedrijf vereist dat het personeelsbestand of de jaaromzet de laatste twee jaar gemiddeld met minstens 10% per jaar stijgt. De investering (voor starters en groeibedrijven samen) is fiscaal geplafonneerd op 100.000 euro per jaar en per persoon. De investering in een groeibedrijf levert 25% belastingvermindering op, dus maximaal 25.000 euro belastingvoordeel (mits er zoveel belastingen moet worden betaald, tegen het gewone progressieve belastingtarief). In de aangifte moet het bedrag van investering worden opgenomen, de fiscus berekent dan de belastingvermindering. 

Privak-verliezen (code 1329/2329)
Deze code zal uitzonderlijk worden gebruikt wanneer een verlies of minderwaarde wordt geleden bij de volledige liquidatie van de na 2017 opgerichte privak. Dit verlies kan hier tot maximaal 25.000 euro worden ingebracht en voor 25% worden gerecupereerd.

Adoptiekosten (code 1341)
In het jaar dat een adoptieprocedure werd beëindigd (afgerond of vroegtijdig stopgezet), dan kan een belastingvermindering van 20% worden genoten voor adoptie-uitgaven gemaakt sinds 1 januari 2013. Het gaat om uitgaven gedaan voor de geschiktheidsprocedure, betaald aan de erkende adoptiedienst, dossierkosten, reiskosten van en naar het land van herkomst van het adoptiekind en verblijfskosten in dat land.De belastingvermindering is beperkt tot 6.150 euro. De berekening van de belastingvermindering moet door de belastingplichtige worden gemaakt en het resultaat moet in code 1341 worden opgenomen.

Nieuwe belastingvrijstelling voor dividenden (code 1437/2437)
Deze vrijstelling, ingevoerd om het spaargeld van de Belg te activeren, is beperkt tot de eerste schijf van 640 euro op dividenden van aandelen. Deze vrijstelling wordt niet aan de bron toegepast en moet dus via de aangifte personenbelasting worden geclaimd. De roerende voorheffing die onterecht werd ingehouden op deze eerste schijf moet in deze codes worden opgenomen. Doordat er geen standaard fiscaal attest voorhanden is als staving van de vrijstelling, moeten de documenten en bankafschriften met betrekking tot de betaling van de dividenden en de ingehouden roerende voorheffing, goed worden bijgehouden om bij een eventuele controle voor te leggen.

Nieuwe meldplichten (code 1072/2072)
De eerste nieuwe meldplicht is dat in de codes 1072/2072 gemeld moet worden of u in de loop van 2018 titularis bent geweest van meer dan één effectenrekening. Deze meldplicht is er gekomen n.a.v. de nieuwe taks op effectenrekeningen met een gemiddelde waarde van 500.000 euro of meer. Als u meerdere effectenrekeningen van een lager bedrag heeft, moet u zelf spontaan aangifte doen voor deze taks. Middels deze melding kan de fiscus hier gerichter controles op uitvoeren.

De tweede meldplicht die geldt voor een groter aantal personen dan vorig jaar, betreft deze voor buitenlandse bankrekeningen. Ook de personen die beheerders zijn van buitenlandse bankrekeningen van een feitelijke vereniging, moeten dit nu melden in hun aangifte (en ook de belastbare roerende inkomsten verkregen op die rekeningen opnemen in zijn aangifte).

Onbelast bijverdienen (code 1460 en 2460)
Hoewel het op het eerste zicht contradictorisch kan lijken om inkomsten die kaderen binnen het stelsel van het “onbelast bijverdienen” op te nemen in de aangifte, dient dit dan ook enkel te gebeuren wanneer de maandgrens (510,83 euro) of jaargrens (6.130 euro) voor het onbelast bijverdienen wordt overschreden. Dan komt er namelijk wel belasting als beroeps- of divers inkomen om de hoek kijken.

Nieuw kostenforfait voor zelfstandigen met winst
Vanaf 2018 genieten ‘zelfstandigen met winst’ (handel, nijverheid, landbouw…), die hun beroepsinkomen aangeven in vak XVIII van hetzelfde wettelijke kostenforfait als werknemers. Het forfait bedraagt 30% van het inkomen met een maximum van 4.720 euro voor 2018. Voor zelfstandigen in bijberoep met weinig beroepskosten, kan dit een aantrekkelijk alternatief zijn ten opzichte van het bewijzen van de werkelijke beroepskosten.

Aangezien het kostenforfait automatisch berekend wordt door de fiscus, moeten de posten die voor de toepassing van het forfait eerst worden afgetrokken van de brutowinst (sociale bijdragen, verkochte handelsgoederen en grondstoffen), gekend zijn. Voor de sociale bijdragen gebeurt dat door invoeging van nieuwe code 1632 en 2632, maar voor de aftrekpost ‘verkochte handelsgoederen en grondstoffen’ is er niet in een nieuwe rubriek voorzien. Men lost dit op door in de officiële toelichting bij de aangifte nu uitdrukkelijk in te schrijven dat de aan te geven brutowinst het bedrag is NA aftrek van de aankoopprijs van verkochte handelsgoederen en van grondstoffen (wat in de meeste gevallen neerkomt op de brutomarge). Die aankoopprijs maakt in de aangifte dus geen deel uit van de beroepskosten; ze maakt eenvoudigweg geen deel uit van de aan te geven brutowinst. 

Het verdere verloop van de relatie tussen het VK, de EU en de EER
Welke impact heeft de Brexit op uw vennootschapsbelasting?
Op vandaag hoort het Verenigd Koninkrijk (VK) nog steeds tot de Europese Unie (EU) evenals tot de Europese Economische Ruimte (EER). Intussen kreeg het VK namelijk tot ten laatste 31 oktober 2019 de tijd om de Brexit te realiseren. Dit betekent dan ook dat grensoverschrijdende transacties die met het VK worden verricht nog steeds binnen het toepassingsgebied van de Europese richtlijnen vallen. Na
Minder streng circulaire voor horecasector
Nieuw circulaire voor BTW tarief bij restaurant- en cateringdiensten
Op 1 januari 2010 werd het btw tarief voor restaurant- en cateringdiensten verlaagd naar 12%. Dit tarief geldt enkel voor het eten. De dranken (ook de niet-alcoholische en de koffie en thee) zijn nog onderworpen aan het standaard btw-tarief van 21%. De Administratie publiceerde op 23 december 2009 een toelichting waarin ze besprak hoe een enige prijs voor een menu (inclusief drank) voor het bepale
Wordt uw bestuurdersaansprakelijkheid eindelijk beperkt?
Bestuurdersaansprakelijkheid in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Wordt uw bestuurdersaansprakelijkheid eindelijk beperkt onder het nieuwe WVV? Het nieuw Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) werd, na een hobbelig parcours te hebben doorlopen, op 28 februari 2019 gestemd in de Kamer. Een van de meest in het oog springende vernieuwingen die het WVV doorvoert is de invoering van een beperking op de bestuurdersaansprakelijkheid in artikel 2:57. Va
Heeft het nieuw ondernemingsbegrip gevolgen voor u?
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO – verduidelijking voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid
In een vorig artikel lichtten we al toe dat de invoering van het begrip ‘onderneming’ in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) ook gevolgen heeft voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen). Hier willen we dieper ingaan op de inschrijvingsplicht voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid.  Gevolg verruimd ondernemingsbegrip  Door h
Voelbare gevolgen op fiscaal vlak
Impact van de Brexit op de registratie- en erfbelasting
De spanning in het Verenigd Koninkrijk is te snijden. De initiële datum van de Brexit, 29 maart 2019, werd inmiddels opgeschoven. Naargelang er een akkoord wordt goedgekeurd of niet op 29 maart, wordt de datum van de Brexit opgeschoven naar 12 april in geval van een harde Brexit (zonder akkoord) en naar 22 mei in geval van een zachte Brexit (met akkoord). Het is een evidentie dat de Brexit z
Een versoepeling voor KMO's
Nieuwe interestaftrekbeperking biedt vooral ook opportuniteiten
Als onderdeel van de hervorming van de vennootschapsbelasting van eind 2017 werd ook een nieuwe interestaftrekbeperking ingevoerd.
Enkele belangrijke tijdstippen uitgelicht
Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Reeds geruime tijd werd het nieuwe vennootschaps- en verenigingsrecht aangekondigd en op 28 februari 2019 werd de wet goedgekeurd door de Kamer. Hieronder geven we een korte toelichting over enkele belangrijke tijdstippen die gepaard gaan met de inwerkingtreding van deze nieuwe wetgeving.   Invoering van de nieuwe wetgeving  De wet tot invoering van het Wetboek van Ven
Vanaf 1 mei 2019
Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen goedgekeurd
Op 28 februari 2019 heeft de Kamer het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (afgekort WVV) dan toch goedgekeurd. Vanaf 1 mei 2019 heeft ons land bijgevolg een nieuw vennootschapsrecht. Het huidige Wetboek van Vennootschappen - dat reeds van 7 mei 1999 dateert – is niet langer aangepast aan de hedendaagse behoeften van het bedrijfsleven. Met het WVV tracht de wetgever Belg
De revival van opstal
Opstal als stealth-vruchtgebruik?
Recent werd een opmerkelijk arrest door het Hof van Beroep van Brussel geveld inzake de belasting van te goedkope natrekking bij opstal (23 januari 2019). Ook in het verleden waren hier al een aantal uitspraken over gedaan (zie onder meer het Hof te Gent van 31 oktober 2017). De interesse omtrent het einde van opstal bestaat duidelijk bij de fiscus en de beide arresten tonen ook aan dat er soms we
Paradepaardje of toch eerder louter doekje tegen het bloeden?
Het Belgisch fiscaal consolidatieregime
Het algemene opzet met de invoering van een fiscaal consolidatieregime was duidelijk, met name het Belgische fiscale stelsel terug positief in de kijker zetten. Vele van de ons omringende landen kennen immers al jaar en dag een systeem van fiscale consolidatie en België scoorde daardoor slecht op dit punt wanneer internationale groepen een investeringslocatie moeten kiezen. De vraag die op ied
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Word jij onze nieuwe collega?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief