Nieuw circulaire voor BTW tarief bij restaurant- en cateringdiensten

Op 1 januari 2010 werd het btw tarief voor restaurant- en cateringdiensten verlaagd naar 12%. Dit tarief geldt enkel voor het eten. De dranken (ook de niet-alcoholische en de koffie en thee) zijn nog onderworpen aan het standaard btw-tarief van 21%. De Administratie publiceerde op 23 december 2009 een toelichting waarin ze besprak hoe een enige prijs voor een menu (inclusief drank) voor het bepalen van de verschuldigde btw diende uitgesplitst te worden (Beslissing E.T.117.557 dd. 23.12.2009). Omdat er op sommige punten onduidelijkheid bestond en de circulaire niet meer in lijn was met de evoluties inzake het onderscheid tussen levering van goederen en het verstrekken van diensten werd op 4 april een nieuwe toelichting gepubliceerd (Circulaire 2019/C/26), die de beslissing van 2009 vervangt.

Indien een globale prijs wordt gevraagd voor een restaurant- of cateringdienst die zowel het eten als de drank omvat, moet die prijs worden opgesplitst voor de toepassing van het juiste btw-tarief: 21% voor de dranken en 12 % voor het eten. Indien de restaurateur of cateraar die splitsing niet maakt, dient de gehele prijs te worden onderworpen aan het hoogste btw- tarief, in dit geval dus 21%.

De beslissing van 2009 voorzag een (te) strenge regel
Het gedeelte van de globale prijs dat moet worden toegerekend aan het aandeel van de dranken moet in principe overeenstemmen met de ‘normale waarde’ ervan, wat de Administratie bepaalde als “de prijs die de klant normaal zou moeten betalen bij afzonderlijke afname van de dranken”.

Deze strenge visie ging voorbij aan feit dat een vaste menu-prijs meestal lager is dan de som van de items bij afzonderlijke afname. Door voor de dranken te eisen dat uitgegaan wordt van de kaart-prijs, wordt deze korting exclusief verrekend in het eten (onderworpen aan een lager btw-tarief). Dit leidde in de praktijk tot discussies bij controle. In de circulaire van 2009 aanvaardde de btw-administratie wel een forfait van 35% voor standaard menutypes "all-in" met drie of meer gangen (d.w.z. menu’s met daarin een aperitief, aangepaste wijnen, mineraal water en koffie of thee). Er kon, mits onderbouwing en akkoord van de btw-administratie wel worden geopteerd om een andere coëfficiënt toe te passen.

Nieuwe circulaire is minder streng
De nieuwe circulaire voorziet de mogelijkheid om de enige prijs uit te splitsen op een andere wijze dan op basis van de ‘normale waarde’ van de dranken door een “regel van drie” uitsplitsing toe te laten. Deze methode wordt de “opsplitsing volgens procentueel aandeel” genoemd.

De opsplitsing mag nu ook gebeuren volgens het procentueel aandeel van de dranken in de globale prijs. Zo wordt de korting toegestaan bij het bepalen van de menu-prijs evenredig verdeeld over drank en eten.

De btw-administratie geeft in haar circulaire volgend voorbeeld om dit te illustreren:

In een fastfoodrestaurant wordt een menu aangeboden bestaande uit hamburger, frieten en een drankje  tegen een globale menuprijs van 6,74 euro, inclusief btw. De componenten worden ook apart aangeboden ('à la carte') elk tegen een aparte prijs, inclusief btw:

  • De 'à la carte' prijs van een drank is 2,05 euro.
  • Het totaal van de 'à la carte' prijs van een hamburger en van de 'à la carte' prijs van frieten bedraagt 6,24 euro.

De globale menuprijs is dus 1,55 euro voordeliger voor de klant dan wanneer hij de componenten afzonderlijk zou bestellen tegen de 'à la carte' prijs.

De splitsing van de ‘globale menuprijs’ overeenkomstig voormeld principe, waarbij het aan de drank toegekende aandeel (inclusief btw) dus 2,05 euro bedraagt (= de 'à la carte' prijs van de drank), leidt tot een overwaardering van de drank ten aanzien van de spijzen aangezien de korting ook gedeeltelijk betrekking heeft op de drank.

De Administratie beschouwt in de gegeven omstandigheden dan ook het procentueel aandeel:

  • Van de 'à la carte' prijs van de drank in de totale 'à la carte' prijs, als een correcte en objectieve sleutel voor de waardering van het aandeel (inclusief btw) van de drank in de globale menuprijs.

Het procentueel aandeel van de 'à la carte' prijs van de drank (2,05 euro) in de totale 'à la carte' prijs (8,29 euro) bedraagt in voormeld voorbeeld 24,73%. Volgens die sleutel bedraagt het aan de drank toe te kennen aandeel (inclusief btw) in de ‘globale menuprijs’ bijgevolg 1,67 euro (dit is 24,73% van 6,74 euro).

  • Van de 'à la carte' prijs van het eten in de totale 'à la carte' prijs, als een correcte en objectieve sleutel voor de waardering van het aandeel (inclusief btw) van het eten in de globale menuprijs.

Het procentueel aandeel van de 'à la carte' prijs (de 'à la carte' prijs van een hamburger en frieten zijnde 6,24 euro) in de totale 'à la carte' prijs (8,29 euro) bedraagt in voormeld voorbeeld 75,27%. Volgens die verdeelsleutel bedraagt het aan de spijzen toe te kennen aandeel (inclusief btw) in de globale menuprijs bijgevolg 5,07 euro (dit is 75,27% van 6,74 euro).

De Administratie bevestigt in de nieuwe Circulaire opnieuw de mogelijkheid om gebruik te maken van een forfaitaire coëfficiënt van 35% om het drankenaandeel te bepalen voor standaard menutypes 'all-in' met drie of meer gangen (zijnde menu's met een aperitief, aangepaste wijnen, mineraalwater en koffie of thee) dus ook nog voor de toekomst.

Deze coëfficiënt geldt dus ook in de toekomst nog steeds enkel voor deze situatie (all-in menu’s met 3 of meer gangen) en dus niet voor andere all-in formules waar bijvoorbeeld ook sterke dranken en champagne of alle dranken na middernacht inbegrepen zijn.

Deze coëfficiënt is bovendien nog steeds niet dwingend, hetgeen wil zeggen dat men er als restaurateur of cateraar van kan afwijken, onder controle van de Administratie, indien een andere prijzenpolitiek wordt gevoerd. Ook de Administratie kan het percentage van 35% betwisten wanneer het in een concreet geval afwijkt van de werkelijkheid.

Menuprijs met een (optionele) meerprijs voor dranken
De Administratie spreekt zich nu ook uit over de situatie wanneer er op de kaart een afzonderlijke prijs (inclusief btw) wordt vermeld voor dranken (bijvoorbeeld aangepaste wijnen facultatief bij een bepaalde menu). In dat geval is de btw die in de meerprijs begrepen zit, onderworpen aan het tarief van 21%.

De prijs van het menu zonder de facultatieve dranken moet eveneens verder worden uitgesplitst wanneer in dat menu standaard nog andere dranken (bv. aperitief of koffie) begrepen zijn. Dit is in feite louter een bevestiging van de regels die in de praktijk al toegepast werden.

Conclusie
De nieuwe, geactualiseerde circulaire bevestigt de reeds bestaande coëfficiënt van 35%, maar biedt nog een bijkomende alternatief aan met de methode van het procentueel aandeel. Voor all- in menu’s waar het procentueel aandeel van de dranken minder bedraagt dan 35%, biedt dit een eenvoudige mogelijkheid om de drank component (21%) van de enige prijs te beperken.

Het verdere verloop van de relatie tussen het VK, de EU en de EER
Welke impact heeft de Brexit op uw vennootschapsbelasting?
Op vandaag hoort het Verenigd Koninkrijk (VK) nog steeds tot de Europese Unie (EU) evenals tot de Europese Economische Ruimte (EER). Intussen kreeg het VK namelijk tot ten laatste 31 oktober 2019 de tijd om de Brexit te realiseren. Dit betekent dan ook dat grensoverschrijdende transacties die met het VK worden verricht nog steeds binnen het toepassingsgebied van de Europese richtlijnen vallen. Na
Wordt uw bestuurdersaansprakelijkheid eindelijk beperkt?
Bestuurdersaansprakelijkheid in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Wordt uw bestuurdersaansprakelijkheid eindelijk beperkt onder het nieuwe WVV? Het nieuw Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) werd, na een hobbelig parcours te hebben doorlopen, op 28 februari 2019 gestemd in de Kamer. Een van de meest in het oog springende vernieuwingen die het WVV doorvoert is de invoering van een beperking op de bestuurdersaansprakelijkheid in artikel 2:57. Va
Voortaan ook ‘hoge’ forfaitaire kostenaftrek voor zelfstandigen.
Aangifteformulier personenbelasting AJ 2019: enkele nieuwigheden toegelicht
Voortaan ook ‘hoge’ forfaitaire kostenaftrek voor zelfstandigen en andere wijzigingen. Het nieuwe aangifteformulier personenbelasting voor aanslagjaar 2019 werd op 7 april gepubliceerd, het startschot voor de jaarlijkse aangifterace is dus gegeven. Voor de Vlaamse aangifte zijn er “slechts” 6 codes bijgekomen en voor de Waalse en de Brusselse aangifte telkens “slechts” 7 codes. Toch
Heeft het nieuw ondernemingsbegrip gevolgen voor u?
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO – verduidelijking voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid
In een vorig artikel lichtten we al toe dat de invoering van het begrip ‘onderneming’ in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) ook gevolgen heeft voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen). Hier willen we dieper ingaan op de inschrijvingsplicht voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid.  Gevolg verruimd ondernemingsbegrip  Door h
Voelbare gevolgen op fiscaal vlak
Impact van de Brexit op de registratie- en erfbelasting
De spanning in het Verenigd Koninkrijk is te snijden. De initiële datum van de Brexit, 29 maart 2019, werd inmiddels opgeschoven. Naargelang er een akkoord wordt goedgekeurd of niet op 29 maart, wordt de datum van de Brexit opgeschoven naar 12 april in geval van een harde Brexit (zonder akkoord) en naar 22 mei in geval van een zachte Brexit (met akkoord). Het is een evidentie dat de Brexit z
Een versoepeling voor KMO's
Nieuwe interestaftrekbeperking biedt vooral ook opportuniteiten
Als onderdeel van de hervorming van de vennootschapsbelasting van eind 2017 werd ook een nieuwe interestaftrekbeperking ingevoerd.
Enkele belangrijke tijdstippen uitgelicht
Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Reeds geruime tijd werd het nieuwe vennootschaps- en verenigingsrecht aangekondigd en op 28 februari 2019 werd de wet goedgekeurd door de Kamer. Hieronder geven we een korte toelichting over enkele belangrijke tijdstippen die gepaard gaan met de inwerkingtreding van deze nieuwe wetgeving.   Invoering van de nieuwe wetgeving  De wet tot invoering van het Wetboek van Ven
Vanaf 1 mei 2019
Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen goedgekeurd
Op 28 februari 2019 heeft de Kamer het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (afgekort WVV) dan toch goedgekeurd. Vanaf 1 mei 2019 heeft ons land bijgevolg een nieuw vennootschapsrecht. Het huidige Wetboek van Vennootschappen - dat reeds van 7 mei 1999 dateert – is niet langer aangepast aan de hedendaagse behoeften van het bedrijfsleven. Met het WVV tracht de wetgever Belg
De revival van opstal
Opstal als stealth-vruchtgebruik?
Recent werd een opmerkelijk arrest door het Hof van Beroep van Brussel geveld inzake de belasting van te goedkope natrekking bij opstal (23 januari 2019). Ook in het verleden waren hier al een aantal uitspraken over gedaan (zie onder meer het Hof te Gent van 31 oktober 2017). De interesse omtrent het einde van opstal bestaat duidelijk bij de fiscus en de beide arresten tonen ook aan dat er soms we
Paradepaardje of toch eerder louter doekje tegen het bloeden?
Het Belgisch fiscaal consolidatieregime
Het algemene opzet met de invoering van een fiscaal consolidatieregime was duidelijk, met name het Belgische fiscale stelsel terug positief in de kijker zetten. Vele van de ons omringende landen kennen immers al jaar en dag een systeem van fiscale consolidatie en België scoorde daardoor slecht op dit punt wanneer internationale groepen een investeringslocatie moeten kiezen. De vraag die op ied
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Word jij onze nieuwe collega?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief