Reeks fiscale eindejaar optimalisaties – Tax Shelter voor audiovisuele werken

We gaan weer de laatste maand van het jaar in, en voor het gros van de vennootschappen betekent dat eveneens de laatste maand van het boekjaar. Dit is het moment waarop nog een en ander kan worden geoptimaliseerd vooraleer het boekjaar effectief ten einde loopt. In deze reeks lichten we enkele mogelijke fiscale optimalisatietechnieken toe.

1. Inleiding

De filmindustrie in ons land is booming-business. Niet in het minst dankzij de Belgische Tax Shelter regelgeving. Belgische filmmakers waren jaren geleden gedoemd om low-budget te werken. Hun afzetmarkt was namelijk allesbehalve groot. Een Nederlandstalige film heeft maar goed enkele miljoenen Nederlandstalige sprekenden als doelpubliek. De Franstalige afzetmarkt is iets groter, maar toch niets in vergelijking met de Hollywood-markt die bereikt wordt met Engelstalige films.

Om de Belgische filmwereld toch een hart onder de riem te steken, heeft de overheid jaren terug de tax shelter  regeling voor audiovisuele werken in het leven geroepen. Deze regeling kwam neer op een onrechtstreekse subsidiëring van de sector. Het Tax Shelter regime vereist dat vennootschappen eerst een investering doen in deze sector, waarbij de ontvanger niet de volledig investering moet terugbetalen. Toch blijft het voor de vennootschappen een interessante investering, omdat de overheid de investerende vennootschappen zelf subsidieert onder de vorm van een fiscale vrijstelling. Deze fiscale vrijstelling zorgt ervoor dat de investering toch winstgevend is.

Doordat er plots heel veel investeerders waren voor de film- industrie, is België in deze sector zeker op de kaart gezet. De oplettende filmliefhebber zal bij de intro of de aftiteling van Amerikaanse blockbusters al regelmatig een verwijzing naar Belgische bedrijven zijn tegengekomen. 

2. Tax Shelter 

Is Tax Shelter nu zo interessant? In absolute cijfers wel. Alleen mag je het effect op de vennootschap zelf niet gaan overschatten, omdat het  investeringsbedrag op zich wettelijk beperkt is. 

Indien in de nieuwe regelgeving een vennootschap overgaat tot de investering in een tax shelter voor audiovisuele werken, zal de vennootschap zijn investering zelf niet meer terugzien. U betaalt dus 100 aan de investeringsmaatschappij, en krijgt hier van de investeringsmaatschappij geen kapitaal meer van terug. 

3. Fiscaal voordeel

Waar zit dan het fiscaal voordeel? Wel, voor deze investering krijgt u van de fiscus een vrijstelling van uw winst ten belope van 310%. Voor elke 100 investering die u doet, krijgt u dus 310 vrijstelling van uw resultaat. Een vrijstelling van 310 vermenigvuldigd met het tarief van de vennootschapsbelasting van 33,99% geeft u een voordeel van 105,37. U heeft dus een rendement van 5,37%. Indien u de investering in tax shelter kan combineren met de voorafbetalingen, namelijk u doet de investering in december en kan tegelijk uw voorafbetalingen van december verminderen met de verwachte besparing, dan krijgt u dit rendement onmiddellijk. Welke andere belegging geeft u een rendement van 5,37% waarbij u uw kapitaal slechts enkele dagen kwijt bent? 

Is deze belegging dan volledig risicoloos? Neen, het fiscale voordeel dat u krijgt is slechts een tijdelijk voordeel. Pas op het moment dat de productievennootschap u het tax shelter attest bezorgt, krijgt u een definitieve vrijstelling. Op dat attest staat een waarde vermeld die rechtstreeks invloed heeft op de waarde van de definitieve vrijstelling en deze waarde hangt af van een aantal voorwaarden waaraan de productiemaatschappij moet voldoen. Normaal gesproken zullen zij hieraan wel voldoen, maar in uitzonderlijke omstandigheden zou het kunnen dat de waarde van het attest niet voldoende is om uw volledige vrijstelling te behouden. Op dat moment zal er een stukje van het rendement verloren gaan.

Om dit risico op te vangen zijn productiemaatschappijen wettelijk toegelaten om een verzekering aan te bieden tegen verlies aan vrijstelling. De meeste productiemaatschappijen geven dit dan ook automatisch aan hun investeerders. Bij verlies aan fiscaal voordeel en als gevolg daarvan ook het verlies aan rendement op uw investering, zal de verzekering het verschil bijpassen.

4. Financieel voordeel

Bovendien staat de wetgever aan de productievennootschappen toe om een ‘vergoeding voor ter beschikking gestelde middelen’ uit te betalen. Dit komt eigenlijk neer op een interestvergoeding die het productiebedrijf u mag toekennen op het geld dat u hen ter beschikking heeft gesteld voor de periode tussen de betaling en de ontvangst van het tax shelter attest. De periode van de interestbetaling is echter wel beperkt tot 18 maanden. 

De hoogte van de interestvergoeding die door productiemaatschappijen mag worden uitbetaald is ook wettelijk vastgelegd, namelijk op de gemiddelde EURIBOR op 12 maanden van het afgelopen half jaar (ofwel eerste 6 maanden van het huidige jaar ofwel de laatste 6 maanden van het vorige jaar) verhoogd met 450 basispunten. Op dit moment moeten we dus rekening houden met de gemiddelde EURIBOR op 12 maanden voor de periode van 1 januari 2016 tot 30 juni 2016. Deze EURIBOR bedraagt -0,015%. De vergoeding voor ter beschikking gestelde middelen die door de productiemaatschappijen mogen betaald worden bedraagt dus 4,485% op jaarbasis. Over 18 maanden bedraagt dit dus 6,727%.

5. Totaal voordeel

Het totale voordeel van een tax shelter investering is dus 5,37% fiscaal voordeel, welke in principe onmiddellijk kan worden genoten en volledig belastingvrij is aangezien dit een fiscaal voordeel is. De ter beschikking gestelde middelen bedragen 6,727% over 18 maanden (4,485% per jaar), maar deze vergoeding zijn uiteraard belastbaar.

Op een investering van (stel) € 20.000 krijgt u dus een fiscaal voordeel van € 1.073,80 onmiddellijk, en een interestvergoeding van € 1.345,40 gespreid over 18 maanden. Deze interestvergoeding moet nog wel belast worden, waardoor er € 888,10 netto- rendement van overblijft. Het totale rendement van onze € 20.000,00 is dus € 1.961,90 ofwel 9,81%. Waar vindt u tegenwoordig nog een dergelijk rendement?

6. Beperkt investeringsbedrag

Jammer genoeg is de totaal toegelaten investering beperkt. Zeer technisch betekent dit dat de vrijstelling (3,1x uw investering) slechts de helft van de beweging van de reserves mag uitmaken vóór aanleg van de vrijstelling maar waarbij wel al rekening mag gehouden worden mét de vrijstelling voor het berekenen van de belastingen. Contacteer ons gerust voor een dergelijke berekening, maar als vuistregel kan u er vanuit gaan dat u ongeveer 10% van uw winst voor belastingen kan investeren in tax shelter. Om € 20.000,00 te kunnen investeren heeft u dus een winst voor belastingen nodig van € 200.000,00 én mag deze winst niet uitgekeerd worden middels dividend of tantième. De absolute maximale vrijstelling is € 750.000,00 waardoor (delen door 3,1) maximaal € 241.935,48 kan worden geïnvesteerd per jaar, indien uw winst voor belastingen uiteraard in dit geval meer bedraagt dan € 2,4 miljoen. 

Een mooi voordeel dus, maar jammer genoeg beperkt in absoluut investeringsbedrag. 

Ook de ongelijke behandeling wordt onder de loep genomen
Voordeel alle aard bewoning: hoe anticiperen op het hoger of lager scenario?
De discriminatie met betrekking tot het voordeel van alle aard voor huisvesting is al meermaals aan bod gekomen. Meer bepaald betreft dit de ongelijke behandeling van dezelfde voordelen als het gaat om een terbeschikkingstelling door een eenmanszaak dan wel een terbeschikkingstelling door een rechtspersoon. In de meest voorkomende gevallen is het voordeel vanwege een vennootschap fiscaal zomaar ev
Om zo financiële last te verminderen
Starterskorting op sociale bijdragen voor zelfstandigen
De starterskorting is een onderdeel van het zomerakkoord en is ingegaan op 1 april 2018. Via deze weg wil de regering de financiële last van startende zelfstandigen, die bij het begin van hun activiteit vaak lage inkomsten hebben, verminderen en zo het ondernemerschap stimuleren.  Welke zelfstandigen komen in aanmerking?  De kortingsmaatregel geldt voor alle startende zelfstandigen
Een volledig overzicht
Uw woonlening in de aangifte personenbelasting aanslagjaar 2018
Het nieuwe aangifteformulier in de personenbelasting voor aanslagjaar 2018 is inmiddels gepubliceerd en dus is het hoog tijd om na te gaan hoe u uw woonlening correct kan invullen in uw aangifte personenbelasting. De grootste wijziging in 2017 heeft zich voorgedaan in de woonfiscaliteit van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. De overige gewesten hebben een status quo gehanteerd tegenover vorig jaa
Het doolhof in de personenbelasting overzichtelijker gemaakt
De aangifte in de personenbelasting: wijzigingen in het formulier voor aanslagjaar 2018
Op 6 april 2018 werd het model van het aangifteformulier voor de personenbelasting met betrekking tot aanslagjaar 2018 gepubliceerd. 
Revolutionair arrest
Belgische administratie wordt teruggefloten: exit “subject-to-tax clause”?
Het Hof van Cassatie heeft op 25 januari 2018 een opmerkelijke uitspraak gedaan in het kader van de toewijzing van heffingsbevoegdheid voor beroepsinkomen in een internationale context. De betwisting Concreet handelde de zaak over het beroepsinkomen verkregen door een professionele wielrenner. In de periode 2007-2009 was de wielrenner door een Belgische werkgever tewerkgesteld en nam hij deel
We bekijken de krachtlijnen van deze hervorming
Na het nieuwe erfrecht volgt de ‘ingrijpende’ verlaging van de erfbelasting… of nog niet?
In navolging van de erfrechthervorming werd ook een aanpassing van de erfbelasting aangekondigd door de Vlaamse regering. 
Modernisering van het btw-stelsel
Europa kondigt grootse btw-hervorming aan: eerste wijzigingen in werking vanaf 1 januari 2019
Vanuit het besef dat het huidige btw-systeem niet meer aangepast is aan de steeds sneller evoluerende digitale en mobiele economie, ijvert de Europese Commissie sinds jaren voor een diepgaande modernisering van het btw-stelsel. Een grondige studie en zoektocht naar de manier waarop dit concreet vorm kon gegeven worden, resulteerden in december 2016 in een voorstel van de Commissie waarin vereenvou
Breaking news
Verhuur met btw mogelijk vanaf 1 oktober 2018
Het kabinet van Minister Van Overtveldt heeft meegedeeld dat de btw-regels inzake onroerende verhuur vanaf 1 oktober 2018 worden gewijzigd. Dit weekend zou hierover binnen de regering en in het kader van de begrotingscontrole een akkoord zijn bereikt. Dit voorstel lag al op tafel bij het zomerakkoord, maar heeft toen de eindmeet niet gehaald. Deze nieuwe regelgeving kan enkel maar worden toegej
Een pand vestigen op roerende goederen wordt makkelijker
De nieuwe pandwet: invoering van het bezitloos pand en uitbreiding van het eigendomsvoorbehoud
Per 1 januari 2018 trad de nieuwe pandwet in werking. Het wordt makkelijker om een pand te vestigen op roerende goederen dankzij de invoering van een pandregister.
De gevolgen voor vennootschappen
Btw op eigen werk in onroerende staat: wetswijziging toegelicht
Op 29 november 2017 werd het BTW – Wetboek gewijzigd op enkele punten. Op 12 februari heeft de administratie deze wetswijziging toegelicht (Circulaire 2018/C/20). In dit artikel willen we even stilstaan bij de gevolgen van de wetswijziging voor vennootschappen die hun eigen bedrijfsgebouw oprichten of hieraan zelf herstellings-, onderhouds- of reinigingswerken uitvoeren. Vroegere situatie Wa

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief