Internationaal wegtransport: loopt alles nog op wieltjes?

Het wordt stilaan dagelijkse kost als u de kranten ’s morgens openslaat: de strijd tegen sociale dumping in de transportsector woedt heviger dan ooit. Hebben de doorgevoerde controles voornamelijk een afschrikeffect tot doel? Of leiden ze toch tot een aanzienlijke aanzuivering van de Belgische staatsschuld? Staatssecretaris voor Fraudebestrijding Philippe de Backer deelde onlangs in een persbericht in ieder geval mee dat er een honderdtal extra inspecteurs wordt ingezet met een duizendtal extra controles tot gevolg.

Het voornaamste risico in dit ganse verhaal situeert zich in de sociaalrechtelijke sector. Onder meer om de hoge loonkosten in België te drukken en concurrentieel te kunnen blijven ten opzichte van buitenlandse transportondernemingen, is de tendens op dit ogenblik dat Belgische ondernemingen een samenwerking aangaan met transportondernemingen in Centraal- of Oost-Europa, of daar zelf een vennootschap oprichten. Via deze constructie worden werknemers uit Centraal– of Oost-Europa ingezet op basis van (voor de werkgever meer interessante) lokale loonvoorwaarden en onder toepassing van de lokale sociale zekerheid.

Voorgaande werkwijze is echter niet steeds zonder risico. Zowel het toepasselijke arbeidsrecht als het toepasselijke socialezekerheidsrecht wordt immers niet enkel beheerst door de lokale (of Belgische) wetgeving. De werknemers zijn steeds ook onderworpen aan Europese Regelgeving. Op chauffeurs die in verschillende landen werken zijn de loon- en arbeidsvoorwaarden toepasselijk van het land waar zij gewoonlijk werken. Dit is het land waarin of van waaruit de werknemers het belangrijkste deel van hun verplichtingen tegenover de werkgever vervullen. In de beoordeling wordt onder meer gekeken naar het land van waaruit de werknemer de transportopdrachten ontvangt, vanuit welk land het werk wordt georganiseerd, waar de werknemer zich moet aanmelden alvorens een opdracht te vervullen, etc.

Het sociale zekerheidsstelsel van toepassing op de chauffeur die voor een buitenlandse onderneming transportopdrachten verricht in (onder meer) België, wordt eveneens bepaald aan de hand van Europese coördinatieregels. Een buitenlandse chauffeur kan enkel onder de toepassing van de sociale zekerheid vallen van de lidstaat van de buitenlandse vennootschap indien hij daar woont én hij daar een substantieel gedeelte van zijn activiteiten ook effectief verricht óf indien zich in die lidstaat de zetel of vestigingsplaats van zijn werkgever bevindt. Aangezien de Europese regelgeving uitdrukkelijk bepaalt dat de zetel of vestigingsplaats de plaats is waar de voornaamste beslissingen betreffende de onderneming worden genomen en waar de centrale bestuurstaken effectief worden uitgeoefend, zal een loutere postbusvennootschap hiervoor niet voldoende zijn.

Het risico bestaat dus effectief dat ondanks uw samenwerking met een buitenlandse transportonderneming, alsnog het Belgische arbeidsrecht en/of het Belgische socialezekerheidsrecht van toepassing wordt verklaard op de werknemers die worden tewerkgesteld door deze buitenlandse onderneming.

Daarenboven zullen strafrechtelijke vervolgingen niet uitblijven indien aan het licht komt dat de dwingende Belgische arbeidsvoorwaarden niet worden nageleefd, waaronder bijvoorbeeld de uitbetaling van de minimumlonen, het waarborgen van de arbeidsomstandigheden, …, en kan er zelfs een vervolging wegens mensenhandel worden ingesteld.

Daarnaast mag men ook de fiscale repercussies niet uit het oog verliezen. In de inkomstenbelasting dient meer in het bijzonder bekeken te worden of de winst voortkomende uit de transportactiviteiten, effectief aan het buitenland ter belastingheffing is toegewezen. Vindt de organisatie en planning van het internationaal wegtransport volledig vanuit België plaats en bestaat er in het buitenland uitsluitend een postbusfirma, dan zal er hoogstwaarschijnlijk Belgische belasting verschuldigd zijn over de inkomsten voortkomende uit het internationaal wegtransport (ook al wordt er gewerkt via een buitenlandse vennootschap). Ook in hoofde van de chauffeurs en andere medewerkers, bestaat er een grote kans dat zij onder de Belgische inkomstenbelastingen zullen ressorteren voor wat betreft hun persoonlijk ontvangen vergoedingen. Uiteraard dient land per land bekeken te worden welke specifieke heffingsregels hieromtrent werden opgenomen in de betreffende dubbelbelastingverdragen. De steeds verder doorgedreven uitwisseling van informatie tussen de verschillende landen zorgt er voor dat de specifieke activiteiten van een onderneming duidelijker lokaliseerbaar zijn en in kaart gebracht kunnen worden. Werd er in het verleden ten onrechte geen belasting betaald in België, kunnen er naast de nodige naheffingen en nalatigheidsinteresten (7%), tevens boetes verschuldigd zijn die kunnen oplopen tot 200% van de niet betaalde belasting. Ook strafrechtelijke vervolgingen zullen niet uitblijven indien er effectief sprake is van fiscale fraude.

Naast het luik inkomstenbelastingen kan het organiseren van transportactiviteiten via een buitenlandse transportonderneming ook implicaties hebben op vlak van btw. Indien de buitenlandse onderneming in België een voldoende duurzame beschikking heeft over personeel en een infrastructuur van waaruit de transportactiviteiten worden verricht, kan dit ertoe leiden dat zij een vaste inrichting heeft voor btw-doeleinden. Dit betekent dat zij als een in België gevestigde btw-plichtige wordt beschouwd en dat de facturatie van transportdiensten, administratiediensten,… aan Belgische klanten verhoogd zal worden met 21% Belgische btw. Bij onterechte niet-aanrekening van btw loopt men het risico op een boete van 200% van de niet aangerekende btw (verminderd tot hooguit 20% bij afwezigheid van fraude), een aantal niet-proportionele boetes wegens het niet correct vervullen van btw-formaliteiten en een strafrechtelijke vervolging (behoudens afwezigheid van fraude).

Sensibilisering is een absolute noodzaak. Stel daarom uw bedrijven en medewerkers in de regel, zodat inspectiediensten zich kunnen focussen op de malafide bedrijven die op meerdere fronten de bestaande regelgeving aan zich voorbij laten gaan. Wenst u een fiscaal-sociale screening van uw transportbedrijf? Aarzel dan zeker niet ons te contacteren. Wij helpen jullie graag bij de verdere organisatie en implementatie van uw internationale transportactiviteiten.

Een geliefde controlestructuur
De almachtige zaakvoerder van een burgerlijke maatschap : altijd fictie geweest ?
De burgerlijke maatschap is al lang een geliefde controlestructuur bij vermogensplanners. In veel gevallen willen schenkers hun vermogen niet volledig uit handen geven en wensen zij toch nog een zekere controle te behouden over hetgeen ze schenken. Zeker bij de overdracht van familiale vennootschappen willen de schenkers (vaak ouders of familieleden) nog steeds zeggenschap houden over de gang van
Het fiscale kader
Subsidies in de vennootschap: vrijgesteld of niet?
In het artikel van onze collega’s van Strategy en Operations werden kort enkele subsidies omschreven. Ze gaven daarbij aan u en uw vennootschap te kunnen bijstaan voor wat betreft subsidiebegeleiding van A tot Z.1In het kader hiervan bespreken we graag het fiscale kader rond subsidies: hoe worden de ontvangen subsidies fiscaal behandeld binnen de vennootschap? Zijn deze subsidies vrijgestel
Recht op btw-aftrek mogelijk voor kosten gemaakt bij de aankoop van aandelen
Het Ryanair arrest
Ook recht op btw-aftrek mogelijk voor kosten gemaakt bij de aankoop van aandelen indien koop finaal niet (volledig) plaatsvindt Het Europees Hof van Justitie bevestigde recent dat de btw over kosten gemaakt met betrekking tot de verwerving van aandelen aftrekbaar kan zijn, zélfs indien de verwerving uiteindelijk niet (volledig) wordt verwezenlijkt. Hiermee bevestigt het Hof van Justitie opnieu
Het kan een groter fiscaal voordeel opleveren
De investeringsaftrek: een illustratie van de opties
Ondernemingen en natuurlijke personen krijgen de mogelijkheid om hun belastbare winst te verminderen met een deel van de aanschaffings- of beleggingswaarde van investeringen.
Waardering vruchtgebruik
Nu ook klopjacht op verkoop van vruchtgebruik?
In voorgaande edities is al geschreven over de waardering van het vruchtgebruik bij de verwerving van onroerende goederen, maar er duiken de laatste tijd ook regelmatig berichten op over controles op de waardering van het vruchtgebruik bij de doorverkoop. De rechtspraak heeft echter tot nu toe het standpunt van de belastingplichtige gevolgd. Situatieschets Er is sinds enkele jaren heel wat te
De arbeidsmarkt van de toekomst
Flexibel onbelast (bij)verdienen
In België kennen we drie wettelijke sociale statuten, (i) de werknemer, (ii) de zelfstandige en (iii) de ambtenaar. Evenwel wordt vaak de vraag gesteld of deze opdeling nog afgestemd is op de snel evoluerende arbeidsmarkt waarin flexibiliteit vereist wordt en er heel wat mensen kiezen voor een ‘freelance–statuut’ of verscheidene statuten wensen te combineren. Voka pleitte in dit kader re
Vlabel spreekt verzoenende taal
Zorgt de daling van de Vlaamse verkooprechten voor een stijging van de kosten bij aankoop vruchtgebruik?
De recente tariefdaling (naar 7,00%) voor aankopen van gezinswoningen gaat gepaard met een aantal voorwaarden. Zo moet de koper een natuurlijk persoon zijn.
Belangrijke gevolgen voor burgerlijke vennootschappen en tijdelijke handelsvennootschappen
Hervorming van het ondernemingsrecht
De wet van 15 april 2018 houdende hervorming van het ondernemingsrecht treedt in werking op 1 november 2018. Deze wet introduceert een nieuw en ruim begrip “onderneming”. Hieronder worden enkele in het oog springende gevolgen toegelicht.  De burgerlijke vennootschap verdwijnt  Vanaf 01 november 2018 verdwijnt het onderscheid tussen de burgerlijke en de handelsvennootschap uit het
Wat zijn de gevolgen?
Vlabel teruggefloten door Raad van State inzake de gesplitste verkrijging en inschrijving van blote eigendom en vruchtgebruik
Na een jarenlange betwisting tussen belastingplichtigen en Vlabel, heeft de Raad van State het standpunt van Vlabel vernietigd.
Beperking van het aantal vennootschapsvormen
Help, mijn vennootschapsvorm bestaat binnenkort niet meer!
Het WVV is op komst Op 4 juni 2018 werd het “wetsontwerp tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen” ingediend in de kamer, waarmee we aan de vooravond staan van de grootste hervorming van het vennootschapsrecht sinds de invoering van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen de dato 30 november 1935. Deze grondige hervorming van het vennootschapsrecht g
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief