Het zomerakkoord: Wat verandert er voor de vennootschapsbelasting?

In de talrijke persberichten heeft u ongetwijfeld reeds gelezen dat onze federale regering op 26 juli 2017 een akkoord heeft bereikt omtrent de hervorming en verlaging van de vennootschapsbelasting. Andere maatregelen uit het zgn. zomerakkoord zijn de belasting op effectenrekeningen, de uitbreiding van de flexi-jobs, de optie om onroerende verhuur aan btw te onderwerpen en de hervorming van de spaarfiscaliteit, met de nadruk op het stimuleren van beleggen in aandelen. De hervorming wordt doorgevoerd in twee stappen: een eerste reeks maatregelen treedt volgend jaar reeds in werking, op de tweede fase is het wachten tot 2020. 

Voorlopig is dit een politiek akkoord. Er zal pas meer duidelijkheid komen omtrent de concrete impact en timing van de verschillende fiscale maatregelen wanneer deze technisch uitgewerkt worden en vertaald zijn in wetteksten. Hierna schetsen wij alvast een overzicht van de voornaamste wijzigingen aan de fiscale regels, gebaseerd op de op dit moment publiek beschikbare informatie. 

Maatregelen inzake vennootschapsbelasting. 
De maatregel die het meest ruchtbaarheid kreeg in de pers, is uiteraard een vermindering van het vennootschapsbelastingtarief van 34% tot 25% (20% voor kmo’s op de eerste schijf van €100 000). De verlaging zou in twee fases gebeuren, waarbij in 2018 er al een verlaging tot 29% komt. Ook de crisisbijdrage van 3% zal in twee fasen verdwijnen.    



Er zullen in de toekomst wellicht ook meer vennootschappen kunnen genieten van het kmo tarief. Het toepassingsgebied van de kmo-definitie wordt immers in deze context uitgebreid. Niet alleen vennootschappen die voldoen aan de traditionele criteria van artikel 215, lid 3 WIB92, maar ook ‘kleine vennootschappen’ in vennootschapsrechtelijke zin (art. 15 §1-6 W. Venn.) zouden in aanmerking komen voor het kmo-tarief. Alvast positief nieuws.  

Verder wordt een vennootschap voortaan verplicht om minstens €45.000 per jaar uit te betalen aan een bedrijfsleider. Doet ze dat niet, dan moet ze een bijzondere aanslag van 10% betalen op dat bedrag (of op het verschil tussen €45.000 en de effectieve bezoldiging als die lager is). Het bedrag van €45.000 wordt ook de nieuwe minimumbezoldiging in artikel 215, lid 3, 4° WIB 92 (i.p.v. €36.000). Het niet respecteren van die regel leidt dus niet alleen tot een bijzondere aanslag maar ook tot het verlies van het kmo-statuut. Het volstaat om aan slechts één bedrijfsleider dat bedrag toe te kennen. Starters blijven sowieso gevrijwaard van die maatregel (d.w.z. de eerste vier jaar na de oprichting). 

Invoering minimumbelasting
Voor wat, hoort wat. Er is sprake van de invoering van een minimumbelasting van 7,5%. Hoe gaat dit in zijn werk? Vooreerst wordt de aftrek van vorige verliezen (aanzienlijk) beperkt. De vorige verliezen worden immers, samen met de notionele interestaftrek, overgedragen DBI’s en de overgedragen aftrek voor innovatie-inkomsten, in een korf gestopt die de maximale aftrek limiteert. De ‘korf’ bedraagt €1 miljoen plus 70% van het bedrag van die aftrekposten boven het miljoen. Dat wil dus zeggen dat tot 30% van het aftrekbare bedrag niet effectief afgetrokken kan worden (maar nog wel overgedragen naar een volgend jaar). Het gevolg is dat die 30% een minimale belastbare basis vormt: de vennootschap wordt hier toch op belast alhoewel er eigenlijk geen belastbare basis overblijft doordat de vorige verliezen (of andere aftrekbare bestanddelen) hoger zijn dan de winst. Dit verklaart de “minimumbelasting” van 7,5% (25% – het nieuwe belastingtarief vanaf 2020 – van 30% is 7,5%, eventjes afgezien van die basis van €1 miljoen waarop wel nog de volledige aftrek toegepast kan worden) 

Beperking notionele aftrek
De notionele aftrek zou beperkt worden tot de aangroei van het risicokapitaal van de laatste vijf jaar (op basis van een gewogen gemiddelde). De overdrachtsregeling blijft ongewijzigd van kracht. De investeringsreserve verdwijnt (met een uitdoofscenario voor bestaande reserves). Een andere opvallende maatregel is dat de kosten die betrekking hebben op activiteiten of inkomsten van volgende jaren, slechts aftrekbaar zijn in die volgende jaren. Met andere woorden, het boekhoudkundige matching-principe wordt hier fiscaal doorgetrokken. Voortaan zal het dus niet meer mogelijk zijn om vooruitbetaalde huur in het jaar van betaling in één keer in aftrek te nemen. 
 

Kapitaalverminderingen
Kapitaalverminderingen zullen voortaan pro rata aangerekend worden op het gestort kapitaal en de (in het kapitaal geïncorporeerde) belaste reserves. De mogelijkheid om de vermindering bij voorrang en uitsluitend aan te rekenen op gestort kapitaal (Com. IB 92, nr. 18/30), vervalt. Reserves die in het kapitaal opgenomen zijn via de ‘vastklikregeling’ van artikel 537 WIB 92, worden (logischerwijze) niet geviseerd. De fiscale voordelen voor inschakelingsbedrijven (dubbele vrijstelling van de aangroei van de belastbare winst) worden afgeschaft. 

Belasting op meerwaarden aandelen
De belastingheffing op meerwaarden op aandelen in de vennootschapsbelasting wordt nog maar eens gewijzigd. Tot op heden waren grote ondernemingen een minimale belasting van 0,412% verschuldigd op de gerealiseerde meerwaarden op aandelen die meer dan een jaar werden aangehouden. Deze regeling wordt afgeschaft. Vanaf 2018 worden meerwaarden op aandelen in de vennootschapsbelasting onderworpen aan een tarief van 25%. De vrijstelling van meerwaarden op aandelen wordt ingeperkt door ze voortaan ook te onderwerpen aan de participatievoorwaarde die voor de DBI-aftrek geldt – naast de andere voorwaarden inzake DBI-aftrek. Er wordt dus een minimumparticipatie van 10% verwacht of aanschaffingswaarde van meer dan € 2,5 miljoen, waarbij de eigendom gedurende meer dan een jaar wordt aangehouden. Dit betekent dat meerwaarden op aandelenparticipaties van minder dan 10% (en met een aanschaffingswaarde van minder dan € 2,5 miljoen) in principe steeds onderworpen zullen worden aan een belasting van 25%. 

Ook op het vlak van herbeleggingsmeerwaarden wordt ingegrepen. Als er een tariefverlaging in aantocht is, kan het immers interessant zijn om de meerwaarde vrij te stellen of gespreid te laten belasten (art. 47 WIB 92), zelfs al weet men dat men niet aan de voorwaarden voldoet omdat men toch niet van plan is om het bedrag te herinvesteren. Als de meerwaarde later toch nog belast wordt, bij het verstrijken van de herinvesteringstermijn, profiteert men dan toch van het intussen verlaagde tarief in de vennootschapsbelasting. Slecht nieuws voor degenen die op deze manier reeds een nieuwe mogelijkheid tot optimalisatie zagen, want juist om voormeld voordeel te vermijden, zal het tarief gehanteerd worden dat van toepassing was op het moment van de realisatie van de meerwaarde. De hervorming houdt niet alleen het schrappen van aftrekposten in maar bevat ook nieuwe stimulansen. Zo wordt de investeringsaftrek tijdelijk verhoogd van 8% tot 20%, maar enkel voor kmo’s en zelfstandigen. De vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor wetenschappelijk onderzoek zal “gefaseerd uitgebreid” worden (bv. tot bachelor-diploma’s/ voorheen enkel masterdiploma’s).

Een pakket van maatregelen dat in werking treedt vanaf 2020
Een tweede – belangrijk – pakket maatregelen zal in werking treden vanaf 2020. Er zal gedurende 2 jaar een maatregel van kracht worden die het mogelijk maakt om belastingvrije reserves om te zetten in belaste reserves tegen een tarief van 15% of 10%. De (netto?) interestkosten zullen nog slechts beperkt fiscaal aftrekbaar zijn ten belope van 30% van de EBITDA. Voor leningen die dateren van vóór 17 juni 2016 zal een grandfathering regel hierop een uitzondering voorzien.

De mogelijkheid om activa af te schrijven door middel van degressieve afschrijvingen wordt geschrapt. KMO’s zullen vanaf dan ook in het jaar van aanschaffing nog slechts pro-rata temporis kunnen afschrijven. Er zullen strengere aftrekbeperkingen voor autokosten worden opgelegd. Er komt een “economische invulling” van het begrip vaste inrichting om internationale winstverschuivingen tegen te gaan (zgn. diverted profits tax). België zal verder ook een CFC-wetgeving invoeren conform de Europese richtlijn van 12/07/2016 waarbij de inkomsten van een “gecontroleerde buitenlandse vennootschap” alsnog in België belast kunnen worden.

Er wordt vanaf 2020 ook een systeem van fiscale consolidatie in België ingevoerd. België is namelijk tot op heden één van de weinige landen waar dit nog niet mogelijk is. Verliezen en winsten van verschillende groepsvennootschappen zullen vanaf dan met elkaar kunnen gecompenseerd worden. Dit zou enkel gelden voor de toekomst (d.w.z. geen compensatie van winsten van de ene vennootschap door overgedragen verliezen van een andere groepsvennootschap die dateren van vóór 2020). We zijn benieuwd hoe dit op wetgevend vlak zal worden uitgewerkt.  Tot slot lezen wij ook nog dat de aftrekbaarheid van zowel de aanslag geheime commissielonen als van btw-boetes wordt geschrapt en dat de voordelen voor bijkomend personeel worden afgeschaft. 

Tax & Legal Services
Ontvangen dividenden of interesten opnemen in uw aangifte personenbelasting heeft soms zijn voordelen
Het al dan niet opnemen van ontvangen interesten en dividenden in uw aangifte personenbelasting voor inkomstenjaar 2012 zorgt in de praktijk voor heel wat vragen en weerspannigheid onder de belastingplichtigen. Velen zijn van mening dat niemand – en zeker de fiscus niet – zaken heeft met wat zij aan kapitaal bezitten. Goed nieuws is alvast dat u daar maar één keer van wakker hoeft te lig
Tax & Legal Services
De btw-aftrek op personenwagens: hoe moeten we dit voortaan aanpakken in de praktijk?
Sinds begin 2011 mag de BTW-aftrek op bedrijfsmiddelen op basis van het BTW-Wetboek nog slechts in aftrek worden gebracht a rato van het werkelijke beroepsgebruik. De belastingadministratie publiceerde eind 2011 een beslissing[1] over hoe de gewijzigde wetgeving[2] volgens haar dient  te worden geïnterpreteerd en toegepast. In de praktijk bleek deze beslissing niet werkbaar, in
Tax & Legal Services
Bijverdienen tijdens uw pensioen: doe het vooral rustig aan...
Heel wat zelfstandigen die de pensioenleeftijd bereiken, hebben het wel eens moeilijk om volledig te stoppen met werken. Dat is zeker het geval voor wie op dat moment zijn bedrijf nog niet heeft overgedragen of stopgezet. Bovendien kunnen zij op die manier nog iets bijverdienen bovenop hun karig pensioentje als zelfstandige. Nieuw is dat bepaalde gepensioneerden vanaf 2013 onbeperkt mogen bijverdi
Tax & Legal Services
De Winwinlening: van uw vrienden moet u het hebben
Trouwe lezers van Informatief weten dat we enthousiast zijn over het systeem van de Winwinlening dat in 2006 boven de doopvont werd gehouden door de Vlaamse overheid. In Informatief 85 kon u reeds een artikel (klik hier) over deze alternatieve financieringsvorm lezen. In deze bijdrage herhalen we nog eens de voornaamste principes. Een interessante nieuwigheid is dat kmo’s vanaf 9 augustus
Tax & Legal Services
Opnieuw verlaagde voorheffing van 20% of 15% op bepaalde dividenden van kmo’s
Sinds 1 juli 2013 wordt er opnieuw en onder bepaalde voorwaarden voorzien in een verlaagde voorheffing op dividenden. De nieuwe maatregel is voor u van belang indien u binnenkort een nieuwe vennootschap wenst op te richten of een kapitaalverhoging in een bestaande vennootschap wenst door te voeren. Een interessante afwijking van het algemeen tarief van 25% Tot eind 2011 werd voor bepaalde div
Tax & Legal Services
De gesplitste aankoop van een gebouw waarbij de vennootschap het vruchtgebruik verwerft is en blijft een interessante optie
Recent is al heel wat inkt gevloeid omtrent de vraag of de gesplitste aankoop in het kader van successieplanning al dan niet fiscaal misbruik is. Een andere zaak is echter de gesplitste aankoop waarbij een vennootschap het vruchtgebruik en een natuurlijk persoon de blote eigendom verwerft. Als deze techniek correct wordt toegepast is en blijft dit een interessante vorm om onroerend goed te verwerv
Tax & Legal Services
De incorporatie van reeds belaste reserves in kapitaal: interessant voor u?
Tegelijk met de verhoging van de roerende voorheffing op liquidatieboni, voert de programmawet van 28 juni 2013 een tijdelijke maatregel in die toelaat om belaste reserves te incorporeren in kapitaal aan een tarief van slechts 10% roerende voorheffing. Voor wie zijn vennootschap vóór 1 oktober 2014 niet kan of wenst te ontbinden en vereffenen, lijkt dit alvast een interessante tussenoplossing. D
Tax & Legal Services
De truc zit hem in het omvormen van uw inkomen
Heel wat zelfstandigen oefenen hun beroepsactiviteit uit door middel van een vennootschap. Kenmerkend is dat uw vennootschap als een afzonderlijke (rechts)persoon wordt beschouwd. Kiest u voor een BVBA, NV of CVBA, dan is dat alvast positief om uw privévermogen af te schermen van de schuldeisers van uw vennootschap. Maar een nadeel is dat u privé niet zomaar met de opbrengsten van de vennootscha
Tax & Legal Services
De dbi-bevek heeft een streepje voor op een gewone bevek
Zoals elke particuliere belegger beschikt ook een vennootschap wel eens over een goed gevuld spaarpotje dat ze geruime tijd kan missen. Bij een goed beheerde vennootschap zal het bestuursorgaan op zoek gaan naar bepaalde interessante mogelijkheden om de overschotten aan liquide middelen op korte, middellange of lange termijn te beleggen. Maar op die zoektocht komt de vennootschap echter de fiscus
Tax & Legal Services
Pensioensparen: niet voor iedereen altijd even interessant
Wanneer u iets leest over pensioensparen, wordt meestal gesteld dat u daar best zo vroeg mogelijk aan begint. In zekere mate onderschrijven we die stelling. Hoe langer uw beleggingstermijn, hoe groter immers het effect die de samengestelde rente heeft op uw eindkapitaal. Maar pensioensparen is niet altijd en voor iedereen even interessant. Veel zal afhangen van uw persoonlijke situatie, het rendem

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief