Een nieuwe vereiste rond minimumbezoldiging

Het Zomerakkoord, gedeeltelijk vertaald in de Wet tot hervorming van de vennootschapsbelasting van 25 december 2017 (gepubliceerd in het Belgische Staatsblad van 29 december 2017), introduceert een verlaagd tarief vennootschapsbelasting dat tegen aanslagjaar 2021 daalt tot 25%. Onder welbepaalde voorwaarden kan een kleine vennootschap zelfs genieten van een verlaagd tarief van 20% op haar eerste schijf van € 100.000 aan belastbaar resultaat. De verlaging van het tarief vennootschapsbelasting gaat evenwel ook gepaard met een aantal compenserende maatregelen, waaronder een fiscale penalisatie voor vennootschappen die niet voldoen aan een nieuwe minimumbezoldigingsvereiste. Hierna bekijken we even die maatregel van de minimumbezoldiging die vennootschappen voortaan verplicht zijn om uit te keren.

Om het oprichten van vennootschappen om louter fiscale redenen te ontmoedigen en te voorkomen dat vennootschappen die voldoende winst genereren de natuurlijke personen die actief zijn binnen de vennootschap uitsluitend vergoeden door middel van dividenden, legt artikel 219quinquies WIB een minimum bedrijfsleidersbezoldiging op. Die minimumbezoldiging bedraagt € 45.000 of, indien het belastbare resultaat minder is, een vergoeding die minstens gelijk is aan het belastbare resultaat van de vennootschap. Deze minimale bezoldiging moet worden toegekend aan ten minste één van haar bedrijfsleiders (zijnde natuurlijke personen).

Voor de verbonden vennootschappen waarvan ten minste de helft van de bedrijfsleiders dezelfde personen zijn in ieder van deze betrokken vennootschappen, kan om de hoogte van de bezoldiging te bepalen het totaal van de door deze vennootschappen aan een van diezelfde personen gestorte bezoldigingen gezamenlijk in aanmerking worden genomen. Het totaal van het bedrag van de minimum bezoldiging wordt in dat geval op € 75.000 gebracht.

De sanctie bij niet-naleving is een afzonderlijke aanslag van 5 % (aanslagjaren 2019 en 2020) of 10 % (vanaf aanslagjaar 2021) op het verschil tussen de minimumbezoldiging en de hoogste bezoldiging die door de vennootschap aan één van haar bedrijfsleiders is toegekend.

Voordeel of nadeel?

De vraag kan gesteld worden of de nieuwe regels finaal in het voordeel, dan wel in het nadeel van de belastingplichtige zijn. Het antwoord op die vraag zal afhangen van de concrete feitenconstellatie, en de vraag of de bezoldiging van de bedrijfsleider al dan niet verhoogd wordt om de sanctie voor het tekort aan minimumbezoldiging te vermijden. Om deze vraag correct te kunnen beantwoorden dient er rekening gehouden te worden met:

  • het niveau van de huidige bezoldiging (en tariefschijf waarin deze belast wordt)
  • de sociale zekerheidsbijdragen
  • de gemeentebelasting
  • de vraag of de vennootschap onderworpen is aan het verlaagd opklimmend tarief
  • of de bedrijfsleider al dan niet enkel beroepsinkomsten ontvangt
  • de vraag of de bedrijfsleider al dan niet gehuwd is (toepassing huwelijksquotiënt)
  • etc.

Kortom een hele reeks factoren die elk hun invloed kunnen hebben.

In de mate dat de winst van de vennootschap hoger is dan € 45.000 en de bestaande bezoldiging (lager dan € 45.000) niet verhoogd wordt om de sanctie te vermijden, zal zeker voor de aanslagjaren 2019 en 2020 de totale rekening veelal nadeliger uitvallen. Vanaf aanslagjaar 2021 wordt de regeling mogelijks voordeliger in hoofdzaak door de verdere tariefdaling in de vennootschapsbelasting.

In de mate dat de bezoldiging wordt opgetrokken tot het minimum van € 45.000 of reeds minstens € 45.000 bedraagt, leren verschillende hypotheses dat de nieuwe regeling veelal in globo voordeliger uitvalt. In globo compenseert de daling van de verschuldigde vennootschapsbelasting de meerkost die voortvloeit uit de verhoging van de bezoldiging. De vennootschap kan het fiscale nadeel voor de aanslagjaren 2019 en 2020 derhalve wel degelijk ondervangen door de bezoldiging van de bedrijfsleider te verhogen tot het vereiste wettelijke minimum.

We geven nog even mee dat deze afzonderlijke aanslag bij onvoldoende bedrijfsleidersbezoldiging voor kleine vennootschappen gedurende de eerste vier boekjaren vanaf hun oprichting niet van toepassing is, tenzij de vennootschap de voorzetting is van een werkzaamheid die voorheen werd uitgeoefend door een eenmanszaak of andere vennootschap.

Dit betreft een maatregel die dus verder gaat dan het louter voorzien in een voorwaarde voor het genieten van het verlaagd tarief voor kleine vennootschappen. Zoals boven vermeld, geldt deze sanctie voor alle vennootschappen (zowel kleine als andere) die hun bedrijfsleiders niet of niet voldoende vergoeden.  

Een geliefde controlestructuur
De almachtige zaakvoerder van een burgerlijke maatschap : altijd fictie geweest ?
De burgerlijke maatschap is al lang een geliefde controlestructuur bij vermogensplanners. In veel gevallen willen schenkers hun vermogen niet volledig uit handen geven en wensen zij toch nog een zekere controle te behouden over hetgeen ze schenken. Zeker bij de overdracht van familiale vennootschappen willen de schenkers (vaak ouders of familieleden) nog steeds zeggenschap houden over de gang van
Het fiscale kader
Subsidies in de vennootschap: vrijgesteld of niet?
In het artikel van onze collega’s van Strategy en Operations werden kort enkele subsidies omschreven. Ze gaven daarbij aan u en uw vennootschap te kunnen bijstaan voor wat betreft subsidiebegeleiding van A tot Z.1In het kader hiervan bespreken we graag het fiscale kader rond subsidies: hoe worden de ontvangen subsidies fiscaal behandeld binnen de vennootschap? Zijn deze subsidies vrijgestel
Recht op btw-aftrek mogelijk voor kosten gemaakt bij de aankoop van aandelen
Het Ryanair arrest
Ook recht op btw-aftrek mogelijk voor kosten gemaakt bij de aankoop van aandelen indien koop finaal niet (volledig) plaatsvindt Het Europees Hof van Justitie bevestigde recent dat de btw over kosten gemaakt met betrekking tot de verwerving van aandelen aftrekbaar kan zijn, zélfs indien de verwerving uiteindelijk niet (volledig) wordt verwezenlijkt. Hiermee bevestigt het Hof van Justitie opnieu
Het kan een groter fiscaal voordeel opleveren
De investeringsaftrek: een illustratie van de opties
Ondernemingen en natuurlijke personen krijgen de mogelijkheid om hun belastbare winst te verminderen met een deel van de aanschaffings- of beleggingswaarde van investeringen.
Waardering vruchtgebruik
Nu ook klopjacht op verkoop van vruchtgebruik?
In voorgaande edities is al geschreven over de waardering van het vruchtgebruik bij de verwerving van onroerende goederen, maar er duiken de laatste tijd ook regelmatig berichten op over controles op de waardering van het vruchtgebruik bij de doorverkoop. De rechtspraak heeft echter tot nu toe het standpunt van de belastingplichtige gevolgd. Situatieschets Er is sinds enkele jaren heel wat te
De arbeidsmarkt van de toekomst
Flexibel onbelast (bij)verdienen
In België kennen we drie wettelijke sociale statuten, (i) de werknemer, (ii) de zelfstandige en (iii) de ambtenaar. Evenwel wordt vaak de vraag gesteld of deze opdeling nog afgestemd is op de snel evoluerende arbeidsmarkt waarin flexibiliteit vereist wordt en er heel wat mensen kiezen voor een ‘freelance–statuut’ of verscheidene statuten wensen te combineren. Voka pleitte in dit kader re
Vlabel spreekt verzoenende taal
Zorgt de daling van de Vlaamse verkooprechten voor een stijging van de kosten bij aankoop vruchtgebruik?
De recente tariefdaling (naar 7,00%) voor aankopen van gezinswoningen gaat gepaard met een aantal voorwaarden. Zo moet de koper een natuurlijk persoon zijn.
Belangrijke gevolgen voor burgerlijke vennootschappen en tijdelijke handelsvennootschappen
Hervorming van het ondernemingsrecht
De wet van 15 april 2018 houdende hervorming van het ondernemingsrecht treedt in werking op 1 november 2018. Deze wet introduceert een nieuw en ruim begrip “onderneming”. Hieronder worden enkele in het oog springende gevolgen toegelicht.  De burgerlijke vennootschap verdwijnt  Vanaf 01 november 2018 verdwijnt het onderscheid tussen de burgerlijke en de handelsvennootschap uit het
Wat zijn de gevolgen?
Vlabel teruggefloten door Raad van State inzake de gesplitste verkrijging en inschrijving van blote eigendom en vruchtgebruik
Na een jarenlange betwisting tussen belastingplichtigen en Vlabel, heeft de Raad van State het standpunt van Vlabel vernietigd.
Beperking van het aantal vennootschapsvormen
Help, mijn vennootschapsvorm bestaat binnenkort niet meer!
Het WVV is op komst Op 4 juni 2018 werd het “wetsontwerp tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen” ingediend in de kamer, waarmee we aan de vooravond staan van de grootste hervorming van het vennootschapsrecht sinds de invoering van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen de dato 30 november 1935. Deze grondige hervorming van het vennootschapsrecht g
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief