Goederenvervoer en daarmee nauw samenhangende diensten: nieuwe regels verduidelijkt in een circulaire

Op 31 oktober 2017 werd (oud) KB nr. 57, dat handelt over de plaats van de dienst voor goederenvervoerdiensten en daarmee samenhangende diensten, vervangen door een nieuw KB.  Dat KB trad in werking op 23 november 2017. Het verduidelijkt het oude KB deels en voert daarnaast een nieuwe regel in. Teneinde de (nieuwe) regels te verduidelijken en te bespreken, heeft de fiscus op 31 mei 2018 in dat kader een administratieve circulaire gepubliceerd.

Algemene plaatsbepalingsregel voor btw
Voor btw-doeleinden wordt een goederenvervoersdienst voor een btw-plichtige ontvanger geacht plaats te vinden in het land waar de btw-plichtige ontvanger gevestigd is. Dat is de toepassing van de algemene plaatsbepalingsregel (art. 21, §2 WBTW). De plaats waar het goederenvervoer zelf fysiek plaatsvindt, is hierbij in principe irrelevant. Indien een Belgische vennootschap bijvoorbeeld opdracht zou geven aan een andere Belgische vennootschap voor een goederenvervoer van Amsterdam naar Keulen, zal Belgische btw van toepassing zijn. De plaats van de goederenvervoersdienst situeert zich voor btw-doeleinden immers waar de ontvanger is gevestigd, namelijk in België. De plaats waar het goederenvervoer fysiek plaatsvindt, is in principe niet belangrijk.

De Koning heeft de bevoegdheid om af te wijken van deze algemene plaatsbepalingsregel op basis van het werkelijk gebruik van de dienst en heeft hiervan gebruik gemaakt in uitvoeringsKB nr. 57. Deze regels van plaatsbepaling op basis van het werkelijk gebruik van een dienst,  noemt men de ‘use and enjoyment’ regels.

“Use and enjoyment” regels
Belangrijk is dat deze ‘use and enjoyment’ regels enkel gelden in een B2B context. Het betreft met andere woorden enkel de diensten verricht voor btw-plichtige afnemers, met name de btw-plichtigen met een volledig recht op aftrek, maar ook de gemengde of  gedeeltelijke btw-plichtigen of niet-belastingplichtige rechtspersonen met een btw-nummer. Goederenvervoer in opdracht van een overheid met btw-nummer zal bijgevolg ook onder de afwijkende regels vallen.

Op basis van de ‘use and enjoyment’ regels zal de plaats van goederenvervoersdiensten en ermee samenhangende diensten in de volgende gevallen afwijken van de algemene plaatsbepalingsregel:

  • Wanneer het volledige traject van de goederenvervoersdienst buiten de EU wordt afgelegd, zal de plaats van de dienst zich buiten de EU bevinden;
  • Wanneer het volledige traject van de goederenvervoersdienst binnen België plaatsvindt, zal de plaats van de dienst zich in België situeren. Dat is een nieuwe regel die niet voorkwam in het vorige KB.

Omwille van een aantal praktische moeilijkheden met de toepassing van het  principe van werkelijk gebruik, waarbij de plaats van de dienst in principe wordt bepaald naar verhouding van de afgelegde afstand, wordt in het nieuwe KB verduidelijkt (en wettelijk verankerd) dat de ‘use and enjoyment’ regel enkel in werking treedt indien het volledige traject buiten de EU respectievelijk buiten België plaatsvindt. Indien niet het gehele traject buiten de EU respectievelijk buiten België plaatsvindt, kan de ‘use and enjoyment’ regel niet worden toegepast en is de algemene plaatsbepalingsregel van toepassing.

Voorbeeld: indien een Belgisch vervoerder door een Belgische opdrachtgever belast is met het vervoer van goederen van Luik naar Bern, vindt de dienst plaats in België. Dat is de toepassing van de algemene plaatsbepalingsregel. Indien de opdrachtgever daarentegen in Bern gevestigd is, vindt de dienst plaats in Zwitserland en is geen Europese btw van toepassing.

Wanneer het vervoer echter volledig zou plaatsvinden tussen Zurich en Bern, zou de dienst buiten de EU plaatsvinden, ongeacht de opdrachtgever een Belgische of een Zwitserse btw-plichtige is. De ‘use and enjoyment’ regel is hier namelijk van toepassing en zorgt ervoor dat de dienst voor btw-doeleinden wordt gelokaliseerd waar het vervoer effectief plaatsvindt.

Voor diensten verricht voor niet-btw-plichtigen heeft de Koning, zoals eerder geschreven, geen uitvoeringsmaatregelen genomen en geldt de ‘use and enjoyment’ bepaling niet. Daar ander vervoer dan intracommunautair goederenvervoer voor niet-belastingplichtigen overeenkomstig de gebruikelijke plaatsbepalingsregels reeds wordt gelokaliseerd naar verhouding van de afgelegde afstand, werd hier al gedeeltelijk rekening gehouden met het werkelijk verbruik van de dienst. Vervoer van Brussel naar Amerika met uitvoer van de goederen via de Antwerpse haven voor een particulier, zal voor btw-doeleinden deels in België plaatsvinden, deels buiten Europa.

De ‘use and enjoyment’ regels gelden niet alleen voor de goederenvervoersdiensten, maar tevens voor de ermee samenhangende diensten (o.m. het laden, lossen, behandelen van goederen en soortgelijke activiteiten zonder dat de aard van de goederen wordt gewijzigd). De beoogde diensten dienen rechtstreeks betrekking te hebben op de vervoerde goederen en moeten rechtstreeks verband houden met het vervoer. Wanneer goederen bijvoorbeeld worden omgepakt om het vervoer ervan mogelijk te maken (vb. splitsen van laadeenheden) in het kader van een goederenvervoer van Tokyo naar Shangai, zal de plaats van de dienst buiten de EU gelokaliseerd worden, ongeacht waar de opdrachtgever gevestigd is. De ‘use and enjoyment’ regel is van toepassing.

Andere diensten dan degene die samenhangen met het vervoer, zijn uitgesloten van de ‘use and enjoyment’ regel. Zo valt opslag van goederen als dusdanig niet onder de bedoelde diensten. Indien een Belg voor een andere btw-plichtige Belg opslag van goederen zal verrichten in Amerika, zal Belgische btw moeten worden aangerekend (ervan uitgaande dat het actieve logistieke dienstverlening betreft).

Let op, indien de plaats van de dienst op basis van de ‘use and enjoyment’ regel in België plaatsvindt, mag men niet vergeten na te gaan of er mogelijks een vrijstelling van btw kan worden toegepast op basis van art. 41, §1 WBTW. Op basis van dit artikel zijn onder andere de diensten die rechtstreeks verband houden met uitvoer van goederen of met invoer van goederen (indien de waarde ervan is op genomen in de maatstaf van heffing bij invoer van de goederen) vrijgesteld van btw.

Voorbeeld: een Belgische transporteur vervoert in opdracht van een Amerikaanse onderneming goederen van Brussel naar Antwerpen, om daar per schip naar Azië te worden vervoerd.  Het vervoer door de Belgische transporteur vindt op basis van de ‘use and enjoyment’ regel plaats in België. Maar, aangezien dit vervoer betrekking heeft op goederen die worden uitgevoerd, kan een vrijstelling van btw worden toegepast zodat er in de praktijk geen btw moet aangerekend worden op het Belgische vervoer.

Waardering vruchtgebruik
Nu ook klopjacht op verkoop van vruchtgebruik?
In voorgaande edities is al geschreven over de waardering van het vruchtgebruik bij de verwerving van onroerende goederen, maar er duiken de laatste tijd ook regelmatig berichten op over controles op de waardering van het vruchtgebruik bij de doorverkoop. De rechtspraak heeft echter tot nu toe het standpunt van de belastingplichtige gevolgd. Situatieschets Er is sinds enkele jaren heel wat te
De arbeidsmarkt van de toekomst
Flexibel onbelast (bij)verdienen
In België kennen we drie wettelijke sociale statuten, (i) de werknemer, (ii) de zelfstandige en (iii) de ambtenaar. Evenwel wordt vaak de vraag gesteld of deze opdeling nog afgestemd is op de snel evoluerende arbeidsmarkt waarin flexibiliteit vereist wordt en er heel wat mensen kiezen voor een ‘freelance–statuut’ of verscheidene statuten wensen te combineren. Voka pleitte in dit kader re
Vlabel spreekt verzoenende taal
Zorgt de daling van de Vlaamse verkooprechten voor een stijging van de kosten bij aankoop vruchtgebruik?
De recente tariefdaling (naar 7,00%) voor aankopen van gezinswoningen gaat gepaard met een aantal voorwaarden. Zo moet de koper een natuurlijk persoon zijn.
Belangrijke gevolgen voor burgerlijke vennootschappen en tijdelijke handelsvennootschappen
Hervorming van het ondernemingsrecht
De wet van 15 april 2018 houdende hervorming van het ondernemingsrecht treedt in werking op 1 november 2018. Deze wet introduceert een nieuw en ruim begrip “onderneming”. Hieronder worden enkele in het oog springende gevolgen toegelicht.  De burgerlijke vennootschap verdwijnt  Vanaf 01 november 2018 verdwijnt het onderscheid tussen de burgerlijke en de handelsvennootschap uit het
Wat zijn de gevolgen?
Vlabel teruggefloten door Raad van State inzake de gesplitste verkrijging en inschrijving van blote eigendom en vruchtgebruik
Na een jarenlange betwisting tussen belastingplichtigen en Vlabel, heeft de Raad van State het standpunt van Vlabel vernietigd.
Beperking van het aantal vennootschapsvormen
Help, mijn vennootschapsvorm bestaat binnenkort niet meer!
Het WVV is op komst Op 4 juni 2018 werd het “wetsontwerp tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen” ingediend in de kamer, waarmee we aan de vooravond staan van de grootste hervorming van het vennootschapsrecht sinds de invoering van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen de dato 30 november 1935. Deze grondige hervorming van het vennootschapsrecht g
Is uw organisatie meldingsplichtig?
Goed begonnen is half werk: Bereid uw organisatie voor op de go live van het UBO-register
Op 31 oktober 2018 gaat het register van uiteindelijke begunstigden (het “UBO-register”) live. Wij overlopen voor u waar uw organisatie mee rekening moet houden. 
Één van de actiepunten van de ATAD-richtlijn
Impact invoering Belgische CFC wetgeving: de facto verstrenging van de transfer pricing regels?
Vanaf 1 januari 2019 (aanslagjaar 2020) zal in België, omwille van de implementatie van de ATAD-richtlijn1, de nieuw te introduceren CFC-regel in werking treden. Deze nieuwe wetgeving dient in het ruimere kader van het Zomerakkoord en de hervormingen in de Belgische vennootschapsbelasting geplaatst te worden, die net zoals de CFC-wetgeving mede voortvloeien uit de reeds ruim besproken implementat
Een kort overzicht
Wat te verwachten op (nationaal) btw-vlak?
Ondanks het feit dat velen onder ons nog in zomer(-vakantie)modus verkeren, staan we in dit artikel graag toch al eens even stil bij de btw-wijzigingen die we (mogelijks) in de nabije toekomst mogen verwachten. Het betreft hier een kort overzicht. Voor een diepgaandere toelichting kunnen jullie uiteraard steeds contact opnemen met ons btw-team.  Vouchers (1 januari 2019)  In juni 201
Afhankelijk van de aard en herhaling van de overtreding
Boeteschalen vastgelegd voor de niet-naleving van de transfer pricing documentatieplicht
Vanaf aanslagjaar 2017, meer bepaald sinds de inwerkingtreding van de verplichte transfer pricing documentatieplicht, werd onmiddellijk opgenomen dat er vanaf een tweede overtreding waarbij men niet voldoet aan de transfer pricing verplichtingen een boete kan opgelegd worden gaande  van 1.250 EUR tot 25.000 EUR (Artikel 445, §3 Wetboek Inkomstenbelastingen 1992). De schalen van de administra
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief