Hoe bereidt u uw onderneming voor op de brexit?

Op 10 december besliste de Britse eerste minister om de stemming in het Britse Lagerhuis over brexit-deal uit te stellen. De kans op een “no deal” rampscenario neemt verder toe.

Wat zijn de belangrijke data?
Het Verenigd Koninkrijk heeft de Europese Raad op 29 maart 2017 formeel kennis gegeven van het voornemen om uit de EU te treden (procedure voorzien in art. 50 EU Verdrag). Het Verenigd Koninkrijk zal dan ook uit de EU treden op 29 maart 2019, om middernacht (24.00u CET & 23.00u Britse tijd!). Het Hof van Justitie bevestigde ondertussen wel dat het Verenigd Koninkrijk haar voornemen om uit te treden eenzijdig kan herroepen.

Na moeizame onderhandelingen werd een voorlopig brexit-akkoord bereikt inzake de uittreding van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie (het zgn. ‘scheidingsakkoord’). Deze overeenkomst voorziet in een overgangsperiode die loopt tot 31 december 2020. Tijdens deze overgangsperiode blijven alle EU regels van toepassing op het Verenigd Koninkrijk, ook al is het dan geen lid meer van de EU.  In zake btw betekent dit dat leveringen naar Britse belastingplichtigen dus vrijgestelde intracommunautaire leveringen blijven, aankopen vanuit het Verenigd Koninkrijk blijven voor Belgische ondernemingen belaste intracommunautaire verwervingen. Verkopen naar Britse particulieren door Belgische ondernemingen die de goederen laten verzenden naar hun klanten blijven verkopen op afstand. Het is louter voor alle regels inzake het nemen van beslissingen en vertegenwoordiging in de Europese Instellingen dat het Verenigd Koninkrijk onmiddellijk uitgesloten wordt en als een derde land wordt beschouwd.

Als de onderhandelde brexit-deal evenwel niet goedgekeurd wordt door het Britse parlement (“no deal” scenario), dan verlaat het Verenigd Koninkrijk de EU onmiddellijk, zonder overgangsperiode op 29 maart 2019, zodat alle regels moeten toegepast worden die gelden voor een derde land. Dit wordt een echte Big Bang …De goederentransacties tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU zullen dan met ingang van 30 maart 2019 moeten aangegeven worden aan de douane.  Dit veroorzaakt een aanzienlijke bijkomende administratie, grote vertraging in de logistieke keten en heffing van douane invoerrechten.   

Voorbereiding op de brexit 
Hoe kunt u zich als Belgisch bedrijf dat handel drijft met het Verenigd Koninkrijk voorbereiden op dit rampscenario? Hierna volgen wat praktische tips die een eerste aanzet kunnen zijn voor een brexit voorbereidingsplan:

  • Als uw bedrijf geen ervaring heeft met invoer en uitvoer met derde landen (buiten de EU), zorg dan dat uw mensen de nodige opleiding krijgen en neem contact op met een douane-expediteur die de formaliteiten bij invoer en uitvoer voor u kan vervullen.
  • Heeft u reeds een EORI-nummer (Economic Operator Registration and Identification number)? Wie goederen invoert van een niet-EU land of uitvoert naar een niet-EU land moet verplicht over zo’n nummer te beschikken. 
  • Kent u de juiste GN-code van al uw producten? 
  • Kent u de oorsprong van uw producten (dit is: de douane-technische oorsprong)? 
  • Bent u in staat om op vraag van uw klant eerst een “pro forma” factuur uit te reiken voor zijn inklaring?
  • U dient uw btw-rapporteringssysteem aan te passen zodat Britse klanten en leveranciers niet langer als “intracommunautair” aangemerkt worden. Zorg ervoor dat deze aanpassing correct gebeurt. Een kredietnota uitgereikt aan een Britse klant op 20 april die een korting toekent op een levering van 15 maart is nog steeds een “intracommunautaire” kredietnota! Verder moet u ook de impact op andere facturatiestromen in kaart brengen. Zo zal ook de btw-regeling van de factuur van een transporteur die uw goederen naar het Verenigd Koninkrijk vervoert wijzigen.Het wordt een hele klus voor boekhouders en IT-ers om de wijziging om 0.00 u in de nacht van 29 maart op 30 maart (lopende de maand!) door te voeren. Het lijkt nu al een goed idee om op 30 en 31 maart geen facturaties te verrichten naar Britse klanten.
  • Indien u Britse btw opliep die u kunt terugvragen via de btw-teruggaaf richtlijn, vraag die dan zo snel mogelijk terug.  Vanaf 30 maart 2019 is de teruggaafrichtlijn immers niet meer van toepassing voor de teruggaaf van Britse btw bij een "no-deal" brexit.
  • Evalueer onder welke INCO-term u verkoopt naar Britse klanten en pas die reeds aan voor offertes die u vanaf vandaag uitstuurt. Houd bij offertes ook rekening met de bijkomende kosten na de brexit (exportformaliteiten, importformaliteiten en douane-rechten).
  • Reken op aanzienlijke bijkomende leveringstermijnen naar het Verenigd Koninkrijk.  Dek u zo nodig in met bijkomende ontbindende voorwaarden indien het bederfbare waren betreft.
  • Evalueer of het nog wel aangewezen is om in GB pond te factureren.  Er kunnen grote valuta-schommelingen optreden bij een "no-deal" brexit.
  • Verwacht u aan grote bestellingen van uw Britse klanten in de maanden voorafgaand aan de brexit. De Britse overheid adviseert Britse ondernemingen namelijk om bijkomende bufferstocks aan te leggen voorafgaand aan de brexit.
  • Evalueer de impact van de verschuldigde douane-rechten: is uw product in zijn huidige vorm nog wel verkoopbaar in de UK als er invoerrechten geheven worden. Heeft u nagezien wat de verschuldigde invoerrechten op basis van de WTO-tarieven?
  • Leveringen met installatie of montage in het Verenigd Koninkrijk moeten opnieuw geanalyseerd worden inzake btw en douane.
  • Verkopen vanuit een Britse call-off stock en aankopen in consignatie van een Britse leverancier moeten opnieuw geanalyseerd worden inzake btw en douane.
  • Grensoverschrijdende maakloonwerk-transacties met het Verenigd Koninkrijk moeten opnieuw geanalyseerd worden inzake btw en douane.
  • Als u regelmatig inkoopt vanuit het Verenigd Koninkrijk kan het aangewezen zijn om een btw-verleggingsvergunning bij invoer aan te vragen (E.T. 14.000-vergunning).  Indien dit uw enige invoeren zijn kan dit een aanvraag op basis van vooruitzichten zijn.
  • Driehoeksverkeer (ABC-transacties) waarbij goederen van of naar het Verenigd Koninkrijk vervoerd worden moet opnieuw geanalyseerd worden inzake btw en douane.
  • Webshops die goederen verkopen aan Britse particulieren moeten hun btw-verwerking herzien.
  • Er kunnen geen overbrengingen van accijnsgoederen onder dekking van het EMCS (Excise Movement and Control System) meer verricht worden tussen het Verenigd Koninkrijk en andere EU-landen.
  • Ondernemingen die via elektronische weg verrichte diensten verkopen aan Britse particulieren zullen deze omzet niet langen kunnen aangeven via de MOSS-aangifte (Mini One Stop Shop). 

Dit is slechts een eerste aanzet. Elk bedrijf moet de gevolgen van de brexit op zijn specifieke activiteit in kaart brengen en een brexit-plan opstellen.

Wat als er toch een brexit-deal komt?
Dan komt er zeker een transitieperiode die loopt tot eind 2020, maar mogelijks voor langere tijd verlengd wordt. Vanuit het standpunt van de EU is deze overgangsperiode positief, maar veel Britse politici staan afkerig tegenover een langere overgangsperiode. Bedoeling is dat tijdens de overgangsperiode een akkoord bereikt wordt over de toekomstige handelsrelatie tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU. De onderhandelingen over de modaliteiten van dit vrijhandelsakkoord moeten nog opgestart worden.

Indien geen akkoord wordt bereikt, dan zal in de regel de “backstop” gelden. Hierbij blijft Noord-Ierland nauw aanleunen bij de EU interne markt en de rest van het Verenigd Koninkrijk wordt via een douane-unie aan Noord-Ierland (en zo ook aan de EU) gekoppeld. Zo wordt een EU buitengrens tussen Ierland en Noord-Ierland vermeden. In deze situatie zullen er wel douaneformaliteiten te vervullen zijn bij goederentransacties met het Verenigd Koninkrijk, maar zullen er door de douane-unie geen douane-rechten geheven worden.  

Conclusie
Wie regelmatig transacties heeft met Britse leveranciers of Britse klanten moet de brexit prioritair op de agenda plaatsen en een concreet brexit-plan uitwerken.

Heeft het nieuw ondernemingsbegrip gevolgen voor u?
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO – verduidelijking voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid
In een vorig artikel lichtten we al toe dat de invoering van het begrip ‘onderneming’ in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) ook gevolgen heeft voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen). Hier willen we dieper ingaan op de inschrijvingsplicht voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid.  Gevolg verruimd ondernemingsbegrip  Door h
Voelbare gevolgen op fiscaal vlak
Impact van de Brexit op de registratie- en erfbelasting
De spanning in het Verenigd Koninkrijk is te snijden. De initiële datum van de Brexit, 29 maart 2019, werd inmiddels opgeschoven. Naargelang er een akkoord wordt goedgekeurd of niet op 29 maart, wordt de datum van de Brexit opgeschoven naar 12 april in geval van een harde Brexit (zonder akkoord) en naar 22 mei in geval van een zachte Brexit (met akkoord). Het is een evidentie dat de Brexit z
Een versoepeling voor KMO's
Nieuwe interestaftrekbeperking biedt vooral ook opportuniteiten
Als onderdeel van de hervorming van de vennootschapsbelasting van eind 2017 werd ook een nieuwe interestaftrekbeperking ingevoerd.
Enkele belangrijke tijdstippen uitgelicht
Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Reeds geruime tijd werd het nieuwe vennootschaps- en verenigingsrecht aangekondigd en op 28 februari 2019 werd de wet goedgekeurd door de Kamer. Hieronder geven we een korte toelichting over enkele belangrijke tijdstippen die gepaard gaan met de inwerkingtreding van deze nieuwe wetgeving.   Invoering van de nieuwe wetgeving  De wet tot invoering van het Wetboek van Ven
Vanaf 1 mei 2019
Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen goedgekeurd
Op 28 februari 2019 heeft de Kamer het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (afgekort WVV) dan toch goedgekeurd. Vanaf 1 mei 2019 heeft ons land bijgevolg een nieuw vennootschapsrecht. Het huidige Wetboek van Vennootschappen - dat reeds van 7 mei 1999 dateert – is niet langer aangepast aan de hedendaagse behoeften van het bedrijfsleven. Met het WVV tracht de wetgever Belg
De revival van opstal
Opstal als stealth-vruchtgebruik?
Recent werd een opmerkelijk arrest door het Hof van Beroep van Brussel geveld inzake de belasting van te goedkope natrekking bij opstal (23 januari 2019). Ook in het verleden waren hier al een aantal uitspraken over gedaan (zie onder meer het Hof te Gent van 31 oktober 2017). De interesse omtrent het einde van opstal bestaat duidelijk bij de fiscus en de beide arresten tonen ook aan dat er soms we
Paradepaardje of toch eerder louter doekje tegen het bloeden?
Het Belgisch fiscaal consolidatieregime
Het algemene opzet met de invoering van een fiscaal consolidatieregime was duidelijk, met name het Belgische fiscale stelsel terug positief in de kijker zetten. Vele van de ons omringende landen kennen immers al jaar en dag een systeem van fiscale consolidatie en België scoorde daardoor slecht op dit punt wanneer internationale groepen een investeringslocatie moeten kiezen. De vraag die op ied
De nieuwe regels voor btw-behandeling van vouchers
De wondere wereld van btw en bonnen
Bonnen zijn een zeer populair marketing instrument. Er zijn diverse soorten bonnen: kortingsbonnen uitgegeven door een fabrikant, in te ruilen bij om het even welk verkooppunt in België, kortingsbonnen gratis verstrekt door retailers, bonnen waarmee een nieuw gelanceerd artikel gratis kan worden verkregen, cadeaucheques die kunnen worden ingewisseld voor een heel gamma producten of diensten, elek
'Pauliaanse vordering' schiet te hulp
De fiscus buitenspel zetten door het verwerpen van de nalatenschap: kan dat?
In het erfrecht hebben verschillende erfgenamen een reservataire aanspraak. Zij hebben dus recht op een minimum erfdeel. Sinds de nieuwe erfwet mag men vrij beschikken over de helft van zijn vermogen. Dit noemt men het beschikbaar deel. Als het beschikbaar deel overschreden wordt door giften, kunnen de reservataire erfgenamen de inkorting vragen. Via de inkorting eisen de reservataire erfgenamen,
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO
Registratie in de KBO onder het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
In het streven naar een aantrekkelijker ondernemingsklimaat werd er gesleuteld aan het ondernemingsrecht. Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) schaft het begrip ‘handelaar’ af en voert het nieuwe begrip ‘onderneming’ in. Het nieuwe ondernemingsbegrip heeft gevolgen voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntenbank van Ondernemingen).  Ruim
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Word jij onze nieuwe collega?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief