Doelgroepverminderingen RSZ: bent u nog mee?

Ingevolge de 6e staatshervorming werden de gewesten bevoegd voor de persoonsgebonden doelgroepverminderingen van de werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid. Vlaanderen heeft ervoor gekozen om het systeem van de doelgroepen te vereenvoudigen, waardoor een aantal bestaande maatregelen zijn verdwenen en er nieuwe doelgroepverminderingen werden uitgewerkt voor jongeren en ouderen. De federale doelgroepvermindering voor eerste aanwervingen werden verder uitgebreid. Graag zetten wij hierbij de voornaamste doelgroepverminderingen nog even op een rij. Wij beperken ons in deze bijdrage tot de federale en Vlaamse regelgeving.

Federale Doelgroepverminderingen – eerste aanwervingen
Sinds 1 januari 2016 genieten nieuwe werkgevers voor de aanwerving van hun eerste werknemer tussen 1 januari 2016 en 31 december 2020 een onbeperkte vrijstelling van sociale bijdragen. Voor de volgende vijf werknemers bestaan er doelgroepverminderingen die beperkt zijn in de tijd. Vanaf 1 januari 2017 werden de bedragen van de doelgroepverminderingen voor de aanwerving van een derde tot de zesde werknemer verhoogd waarbij zij daarenboven ook voor een langere tijd worden toegekend.

Levenslange vrijstelling voor een eerste aanwerving
Het moet gaan om de eerste aanwerving door een nieuwe werkgever. Om in aanmerking te komen voor een vrijstelling voor een eerste aanwerving mag de werkgever:

  • Ofwel nog nooit personeel hebben tewerkgesteld, d.w.z. nooit onderworpen zijn geweest aan de RSZ voor tewerkstelling van werknemers;
  • Ofwel niet onderworpen zijn geweest aan de RSZ wetgeving in de loop van de vier kwartalen voorafgaand aan het kwartaal waarin de eerste werknemer wordt aangeworven.

Indien deze voorwaarde is vervuld dan zal de RSZ nagaan of de werkgever met een andere werkgever geen ‘technische bedrijfseenheid’ uitmaakt. De vrijstelling eerste aanwerving moet immers steeds betrekking hebben om een echte extra aanwerving in de technische bedrijfseenheid, en zal nooit worden toegekend voor de vervanging van een werknemer binnen dezelfde technische bedrijfseenheid.

De volledige vrijstelling van de basis werkgeversbijdragen RSZ voor de eerste aanwerving geldt voor onbepaalde duur.

  • Het gaat om een volledige vrijstelling van de basisbijdragen. Bepaalde bijzondere bijdragen blijven evenwel verschuldigd (vb. kwartaalbijdrage jaarlijkse vakantie, jaarlijkse bijdrage jaarlijkse vakantie, speciale bijdrage arbeidsongevallen, etc.). Deze bijzondere bijdragen zijn afhankelijk van het contract (bediende/arbeid), de grootte en de aard van de onderneming (met of zonder handels-of industrieel doel), en de sector waarin deze actief is.
  • De vrijstelling voor de eerste werknemer is niet gepersonaliseerd. De aanwerving van de allereerste werknemer opent het recht op de vrijsteling. Het is vervolgens aan de werkgever om elk kwartaal de werknemer aan te duiden waarvoor hij de vrijstelling inroept. Het is dan ook best mogelijk dat de werknemer die oorspronkelijk het recht opende, niet meer in dienst is. In praktijk bekijkt het sociaal secretariaat per kwartaal hoe deze vrijstelling kan worden geoptimaliseerd.

Uitbreiding doelgroepvermindering eerste aanwervingen
Met de invoering van de vrijstelling voor de eerste aanwerving werden de bestaande doelgroepverminderingen uitgebreid van vijf naar zes werknemers. Concreet wil dat zeggen dat de forfaits en het aantal kwartalen waarin de bestaande doelgroepvermindering vóór 1 januari 2016 werd toegepast voor de eerste tot de vijfde werknemer integraal werd doorgeschoven naar de tweede tot de zesde werknemer. Vanaf 1 januari 2017 worden de bedragen voor de verminderingen verhoogd en voor een langere tijd toegekend.
 

Vanaf 1 januari 2017 Kwartaal 1 tot 5 Kwartaal 6 tot 9 Kwartaal 10 tot 13 Vanaf kwartaal 14 tot ...
1e werknemer Volledige vrijstelling basisbijdragen gedurende de volledige tewerkstellingsperiode die aanvangt op een datum gelegen tussen 1 januari 2016 en 31 december 2020
2e werknemer €1.550 €1.050 €450 0
3e werknemer €1.050 €1.050 €450 0
4e werknemer €1.050 €1.050 €450 0
5e werknemer €1.050 €1.050 €450 0
6e werknemer €1.050 €1.050 €450 0


Deze nieuwe regeling heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2017. De werkgever die daarvoor al genoot van een bijdragevermindering in het kader van deze doelgroepvermindering, kan verder gebruik maken van de oude regeling (zoals van toepassing op 31 december 2016).

Tussenkomst in de kosten van het sociaal secretariaat
Daarnaast heeft een nieuwe werkgever die aansluit bij een erkend sociaal secretariaat recht op een tussenkomst van € 36,45 per kwartaal voor de kwartalen dat hij een doelgroepvermindering voor een eerste werknemer aanvraagt. Elk kwartaal dat de werkgever een voordeel voor een eerste aanwerving geniet, kan er van deze tussenkomst genoten worden.

Gewestelijke Doelgroepverminderingen – Persoonsgebonden doelgroepverminderingen
Vlaanderen heeft er voor gekozen om nieuwe doelgroepverminderingen uit te werken voor de aanwerving van jongeren (<25jaar), van  ouderen (55+jaar) en van personen met een arbeidsbeperking (VOP-premie).

De invoering van deze nieuwe doelgroepverminderingen gaat gepaard met een drastische vereenvoudiging waarbij een aantal bestaande maatregelen zijn verdwenen vanaf 1 januari 2016 of 1 januari 2017, zoals bijvoorbeeld de Activa, Activa Start, Activa Handicap, de tewerkstellingspremie 50+ en de doelgroepvermindering voor herstructurering. Als overgangsmaatregel geldt hier een uitdoofscenario, nl. dat de toegekende voordelen die lopen op de datum van afschaffing verder blijven lopen tot uiterlijk 31 december 2018.

Doelgroepvermindering voor jonge werknemers
Deze nieuwe doelgroepvermindering komt ter vervanging van de doelgroepvermindering voor erg laaggeschoolde, laaggeschoolde en middengeschoolde jongeren en jongeren van minder dan 19 jaar.

Concreet bestaat de nieuwe doelgroepvermindering uit 2 afzonderlijke verminderingen:

De doelgroepvermindering voor jonge werknemers – middengeschoolden en laaggeschoolden:

  • Laaggeschoolden jongeren mogen geen diploma of getuigschrift secundair onderwijs 2e leerjaar 3egraad hebben. De VDAB attesteert en bepaalt wie in aanmerking komt. Via een elektronische flux geeft de VDAB het studieniveau door aan de RSZ;
  • Middengeschoolde jongeren mogen hoogstens een diploma of getuigschrift  secundair onderwijs, 2de leerjaar 3de graad of gelijkwaardig hebben. VDAB attesteert en bepaalt wie in aanmerking komt. Via elektronische flux heeft de VDAB het studieniveau door aan de RSZ.

De doelgroepvermindering voor jonge werknemers – leerlingen alternerend leren en DBSO-jongeren (deeltijds beroeps secundair onderwijs) met een deeltijdse arbeidsovereenkomst:

  • Leerlingen alternerend leren zoals bedoeld in artikel 1bis van het Koninklijk Besluit van 28 november 1969;
  • Jongeren in het deeltijds beroeps secundair onderwijs die in uitvoering van bepaalde alternerende opleidingen verbonden zijn met een deeltijdse arbeidsovereenkomst

Wat is nu het bedrag van deze verminderingen?

  • De doelgroepvermindering voor de tewerkstelling tijdens de opleiding bedraagt € 1.000 per kwartaal, voor het 1e tot het 7e kwartaal tijdens de duur van hun tewerkstelling. Na afloop van de opleiding als leerling kan de werkgever beroep doen op de vermindering jonge werknemers – middengeschoolden en laaggeschoolden waarbij de kwartalen dat deze vermindering genoten werd niet meetellen voor de vermindering laag- en middengeschoolden.
  • De doelgroepvermindering voor de tewerkstelling van laaggeschoolden jonge werknemers (<25 jaar) bedraagt € 1.150 per kwartaal voor kwartaal 1 tot 7.
  • De doelgroepvermindering voor tewerkstelling van middengeschoolden jonge werknemers (<25 jaar) bedraagt € 1.000 per kwartaal voor kwartaal 1 tot 7.

Wat zijn de voorwaarden om deze doelgroepverminderingen te kunnen genieten?

  • De indienstnames na 1 juli 2016 van jongeren tot 25 jaar die werkzaam zijn in of afhangen van een vestigingseenheid in Vlaanderen.
  • Het referteloonkwartaalloon van de jonge werknemer is lager dan de vastgestelde loongrens:
    - € 7.500 gedurende het kwartaal van indiensttreding en de 3 daaropvolgende kwartalen;
    - € 8.100 gedurende de daaropvolgende 4 kwartalen.
  • De laag- en middengeschoolde jongeren, evenals de DBSO-jongeren moeten een elektronisch dossier (portfolio) bij de VDAB samenstellen.

Doelgroepvermindering oudere werknemers
Deze nieuwe doelgroepvermindering komt in de plaats van de bestaande doelgroepvermindering voor ouderen. Het bedrag van de doelgroepvermindering hangt af van de leeftijd van de werknemer (+55 jaar) en of het gaat om een indienstname of een voortgezette tewerkstelling.  

Doelgroepvermindering voor de indienstneming van oudere niet-werkende werkzoekenden:

  • Een forfaitaire vermindering van € 1.150 voor kwartaal 1 tot 7 als de aangeworven werknemer op de laatste dag van het kwartaal van indienstneming minimaal 55 jaar is en de leeftijd van 60 jaar nog niet heeft bereikt;
  • Een forfaitaire vermindering van € 1.500 voor kwartaal 1 tot 7 als de aangeworven werknemer op de laatste dag van het kwartaal van indienstneming minimaal 60 jaar is en de pensioenleeftijd nog niet heeft bereikt.

Doelgroepvermindering voor oudere zittende werknemers:

  • Een forfaitaire vermindering van € 600 als de oudere zittende werknemer op de laatste dag van het kwartaal minimaal 55 jaar is;
  • Een forfaitaire vermindering van € 1.150 als de oudere zittende werknemer op de laatste dag van het kwartaal minstens 60 jaar is.

Wat zijn de voorwaarden om van deze doelgroepvermindering te kunnen genieten?

  • Deze is pas van toepassing vanaf 1 juli 2017 en beperkt tot werkgevers uit de privésector.
  • Oudere niet-werkende werkzoekende werknemers mogen gedurende de 4 kwartalen voorafgaand aan de indienstname niet bij dezelfde werkgever in dienst zijn geweest en moeten ingeschreven zijn als niet- werkende werkzoekende bij de VDAB.
  • Het refertekwartaalloon van de oudere werknemer van het lopende kwartaal moet lager zijn dan 13.400 EUR.

Vlaamse ondersteuningspremie (VOP)
De reeds bestaande Vlaamse ondersteuningspremie (VOP) blijft behouden, maar werd verder uitgebreid tot werknemers uit de sociale economie en zelfstandigen in bijberoep. De VOP is bedoeld enerzijds voor werkgevers ter compensatie van het rendementsverlies van een werknemer met een arbeidshandicap en anderzijds om de integratie van die werknemer in het arbeidscircuit te bevorderen. De premie is een percentage van het geplafonneerd referteloon en wordt normaal gezien gedurende twintig kwartalen toegekend vanaf het kwartaal van aanvraag en dit volgens onderstaand schema:

  • Kwartaal 1-5: 40%
  • Kwartaal 6-9: 30%
  • Kwartaal 10-20: 20%

Het referteloon is gelijk aan het brutoloon vermeerderd met de gewone werkgeversbijdragen RSZ en verminderd met de RSZ-vermindering. Bij een voltijdse tewerkstelling wordt het referteloon bovendien geplafonneerd tot het dubbele van het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen.

Aanwervingsincentive voor langdurig werkzoekenden
De nieuwe Vlaamse aanwervingsincentive voor langdurig werkzoekenden werd ingevoerd bij KB van 17 februari 2017 en is in werking getreden vanaf 1 maart 2017. Deze aanwervingsincentive vervangt de werkuitkering en de doelgroepvermindering eerder bekend onder de naam ‘activaplan’. De aanwervingsincentive zal door de VDAB worden toegekend aan ondernemingen die aan bepaalde voorwaarden voldoen:

  • De aanwerving van een niet-werkende werkzoekende die op het ogenblik van zijn indienstneming minstens 2 jaar als niet-werkende werkzoekende is ingeschreven en minstens 25 jaar en hoogstens 54 jaar is;
  • Er wordt een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur afgesloten;
  • De werknemer wordt tewerkgesteld in een exploitatie van het Vlaams Gewest.

De aanwervingsincentive wordt in twee schijven uitbetaald:

  • Max. € 1.250 bij een voortdurende tewerkstelling van 3 maanden;
  • Max. € 3.000 bij een voortdurende tewerkstelling van 12 maanden.

Bij een deeltijdse tewerkstelling wordt deze subsidie pro rata toegekend. De onderneming moet de aanvraag indienen binnen de 3 maanden na de indiensttreding. Voor aanwervingen tussen 1 januari 2017 en 1 maart 2017 moet de aanvraag vóór 1 juni 2017 worden ingediend. 

Besluit

De invoering van de nieuwe doelgroepverminderingen ten gevolge van de zesde staatshervorming maakt een aanzienlijke vereenvoudiging uit van het bestaande doelgroepvermindering systeem. Ingevolge deze herstructurering verdwijnen namelijk de Activa, ActivaStart, Activa Handicap, de tewerkstellingspremie 50 + en de doelgroepvermindering voor herstructureringen. De toegekende voordelen onder deze oude systemen die lopen op datum van de afschaffing, lopen wel verder tot uiterlijk 31 december 2018.

Het onderhandelde brexit-akkoord werd weggestemd
Vier op de vijf ondernemingen die handel drijven met de UK zijn nog niet voorbereid op de brexit
Gisteren werd het onderhandelde brexit-akkoord weggestemd in het Britse Lagerhuis. De kansen op een “no-deal" brexit scenario nemen aanzienlijk toe nu de standpunten zich lijken te verharden. Brexiteers mogen dan wel spreken van “a proper brexit”, maar in de praktijk komt dit neer op een chaotische brexit. Minister van Financiën,  Alexander De Croo, luidde vanmorgen d
De inschrijvingsplicht wordt ruimer
Meer ondernemers moeten zich inschrijven in de Kruispuntbank voor ondernemingen
In het streven naar een aantrekkelijker ondernemingsklimaat werd er onder meer gesleuteld aan het ondernemingsrecht. De wetgever afstapt van het begrip “handelaar”. In plaats daarvan wordt het begrip “onderneming” als overkoepelende term gebruikt. Het nieuwe ondernemingsbegrip  vormt niet alleen de bouwsteen voor zowel de regels van het Wetboek van economisch recht als in het gerechte
Meer specifiek: het huwelijksvermogensrecht
Een nieuwe vergoedingsplicht in het wettelijk stelsel
Wat als een echtgenoot zijn beroep uitoefent in een vennootschap, waarvan alle aandelen “eigen” zijn ? De wet van 22 juli 2018 heeft aanzienlijke wijzigingen aangebracht in het huwelijksvermogensrecht. Met dit artikel gaan wij in op een specifieke aanvulling in het huwelijksvermogensrecht, namelijk de mogelijke benadeling van de gemeenschap bij de beroepsuitoefening door middel van een eige
Veranderingen in de zorgvolmacht en vruchtgebruik
Vermogensplanning: enkele recente ontwikkelingen
De laatste maanden hebben we al regelmatig bericht over  de grote wijzigingen in de vermogens- en successieplanning. Hieronder bezorgen we nog een kleine update over enkele van deze wijzigingen.   De zorgvolmacht: uw vermogen veiligstellen voor later Het klassieke voorbeeld is hier dat van een persoon die omwille van een fysieke of mentale beperking (coma, dementie, …) tijdelijk of
Happy Brexmas?
Hoe bereidt u uw onderneming voor op de brexit?
Op 10 december besliste de Britse eerste minister om de stemming in het Britse Lagerhuis over brexit-deal uit te stellen. De kans op een “no deal” rampscenario neemt verder toe. Wat zijn de belangrijke data? Het Verenigd Koninkrijk heeft de Europese Raad op 29 maart 2017 formeel kennis gegeven van het voornemen om uit de EU te treden (procedure voorzien in art. 50 EU Verdrag). Het Verenigd
Een geliefde controlestructuur
De almachtige zaakvoerder van een burgerlijke maatschap : altijd fictie geweest ?
De burgerlijke maatschap is al lang een geliefde controlestructuur bij vermogensplanners. In veel gevallen willen schenkers hun vermogen niet volledig uit handen geven en wensen zij toch nog een zekere controle te behouden over hetgeen ze schenken. Zeker bij de overdracht van familiale vennootschappen willen de schenkers (vaak ouders of familieleden) nog steeds zeggenschap houden over de gang van
Recht op btw-aftrek mogelijk voor kosten gemaakt bij de aankoop van aandelen
Het Ryanair arrest
Ook recht op btw-aftrek mogelijk voor kosten gemaakt bij de aankoop van aandelen indien koop finaal niet (volledig) plaatsvindt Het Europees Hof van Justitie bevestigde recent dat de btw over kosten gemaakt met betrekking tot de verwerving van aandelen aftrekbaar kan zijn, zélfs indien de verwerving uiteindelijk niet (volledig) wordt verwezenlijkt. Hiermee bevestigt het Hof van Justitie opnieu
Het fiscale kader
Subsidies in de vennootschap: vrijgesteld of niet?
In het artikel van onze collega’s van Strategy en Operations werden kort enkele subsidies omschreven. Ze gaven daarbij aan u en uw vennootschap te kunnen bijstaan voor wat betreft subsidiebegeleiding van A tot Z.1In het kader hiervan bespreken we graag het fiscale kader rond subsidies: hoe worden de ontvangen subsidies fiscaal behandeld binnen de vennootschap? Zijn deze subsidies vrijgestel
Het kan een groter fiscaal voordeel opleveren
De investeringsaftrek: een illustratie van de opties
Ondernemingen en natuurlijke personen krijgen de mogelijkheid om hun belastbare winst te verminderen met een deel van de aanschaffings- of beleggingswaarde van investeringen.
Waardering vruchtgebruik
Nu ook klopjacht op verkoop van vruchtgebruik?
In voorgaande edities is al geschreven over de waardering van het vruchtgebruik bij de verwerving van onroerende goederen, maar er duiken de laatste tijd ook regelmatig berichten op over controles op de waardering van het vruchtgebruik bij de doorverkoop. De rechtspraak heeft echter tot nu toe het standpunt van de belastingplichtige gevolgd. Situatieschets Er is sinds enkele jaren heel wat te
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief