Nieuw Vlaams huurdecreet in de steigers

De Vlaamse Regering keurde op 14 juli 2017 het voorontwerp van het Huurdecreet goed. Hiermee wil Vlaanderen meer rechtszekerheid bieden in de contractuele relatie tussen huurder en verhuurder. In afwachting van de behandeling van het Huurdecreet door het Vlaams Parlement, zetten we alvast een aantal nieuwigheden uit het voorontwerp in de kijker.

Naar een ruimer toepassingsveld: “een voor bewoning bestemd goed of een deel ervan”
Een belangrijk verschil met de federale Woninghuurwet is dat het nieuwe Huurdecreet niet alleen van toepassing zal zijn op de huur van woningen, bestemd tot hoofdverblijfplaats, maar ook op de huur van studentenkamers en -woningen, op niet-permanente huurvormen zoals tweede verblijven en vakantie-woningen, en zelfs op de verhuring van bepaalde roerende goederen, zoals caravans en woonboten. Dit heeft tot gevolg dat de huurder, traditioneel de beschermde partij, van een caravan de relevante bepalingen van het Huurdecreet zal kunnen inroepen zelfs indien deze niet in het huurcontract werden opgenomen.

Nieuwe verplichte vermeldingen in het huurcontract
Naast de klassieke vermeldingen zoals de identiteit van alle contracterende partijen, de begindatum van de overeenkomst, de omschrijving van alle ruimtes en gedeelten van het gebouw die het voorwerp van de verhuur zijn en het bedrag van de huur (opgelegd door art. 1bis van de Woninghuurwet), wil het Vlaams Huurdecreet een aantal nieuwe elementen invoeren die verplicht moeten worden opgenomen. Het gaat om (i) het rijksregisternummer van de betrokken natuurlijke personen, (ii) de maatschappelijke zetel van de betrokken rechtspersonen, (iii) de exacte duur van de overeenkomst en (iv) de regeling inzake kosten en lasten. De registratie van de huurovereenkomst zal worden geweigerd indien deze elementen niet worden vermeld.

Verzekeringen
Op vlak van verzekeringen wordt de aansprakelijkheid van de huurder uitgebreid tot brand- én waterschade. De huurder wordt ook bovendien wettelijk verplicht een brandverzekering af te sluiten voor de huurwoning die zowel brand- als waterschade dekt.

Afschaffing van de verplichte toevoeging van de “wettelijke bijlage”
Voor elk van de drie gewesten is een standaardbijlage verplicht bij ieder huurcontract. Die bijlage geeft de huurder en verhuurder uitleg over een aantal belangrijke aspecten van het woninghuurrecht. Deze verplichting wordt in Vlaanderen opnieuw afgeschaft. De Vlaamse Regering zal een nieuwe toelichtende nota bij haar nieuwe Huurdecreet uitwerken. Vanuit de praktijk is het o.i. raadzaam deze bijlage alsnog over te maken aan de huurder, zodat deze geïnformeerd is over diens rechten en plichten.

De huurwaarborgregeling
De maximale huurwaarborg wordt – met uitzondering voor studentenkamers - opnieuw van twee naar drie maanden gebracht. De huurwaarborg onder de vorm van een bankwaarborg wordt geschrapt. Naast de traditionele overschrijving op een geblokkeerde bankrekening op naam van de huurder, worden twee nieuwe huurwaarborgvormen voorgesteld: een persoonlijke borgstelling door een derde, voor de volledige duur van de lopende huur, dan wel een zakelijke zekerheidsinstelling bij een financiële instelling op naam van de huurder.

Opzegmogelijkheid van kortlopende huurovereenkomsten
Vernieuwend is dat het voorontwerp erin voorziet dat ook huurovereenkomsten van korte duur, bijv. van twee jaar, door de huurder kunnen worden opgezegd. Daarbij geldt een opzegtermijn van drie maanden en dient er ook een opzeggingsvergoeding te worden betaald, waarvan het maximumbedrag in het decreet wordt vastgelegd. De Vlaamse Regering wil zo komaf maken met de rechtsonzekerheid die hierover vandaag bestaat: de Woninghuurwet laat vervroegde opzegging van kortlopende huurcontracten door de huurder immers niet toe, terwijl bepaalde rechtspraak zich hierin soepeler opstelt en vindt dat de huurder dit recht toch moet kunnen uitoefenen. Het spreekt voor zich dat we de verdere ontwikkelingen op de voet volgen en dat we ons aan deze nieuwe regelgeving zullen aanpassen. 

Heeft het nieuw ondernemingsbegrip gevolgen voor u?
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO – verduidelijking voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid
In een vorig artikel lichtten we al toe dat de invoering van het begrip ‘onderneming’ in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) ook gevolgen heeft voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen). Hier willen we dieper ingaan op de inschrijvingsplicht voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid.  Gevolg verruimd ondernemingsbegrip  Door h
Voelbare gevolgen op fiscaal vlak
Impact van de Brexit op de registratie- en erfbelasting
De spanning in het Verenigd Koninkrijk is te snijden. De initiële datum van de Brexit, 29 maart 2019, werd inmiddels opgeschoven. Naargelang er een akkoord wordt goedgekeurd of niet op 29 maart, wordt de datum van de Brexit opgeschoven naar 12 april in geval van een harde Brexit (zonder akkoord) en naar 22 mei in geval van een zachte Brexit (met akkoord). Het is een evidentie dat de Brexit z
Een versoepeling voor KMO's
Nieuwe interestaftrekbeperking biedt vooral ook opportuniteiten
Als onderdeel van de hervorming van de vennootschapsbelasting van eind 2017 werd ook een nieuwe interestaftrekbeperking ingevoerd.
Enkele belangrijke tijdstippen uitgelicht
Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Reeds geruime tijd werd het nieuwe vennootschaps- en verenigingsrecht aangekondigd en op 28 februari 2019 werd de wet goedgekeurd door de Kamer. Hieronder geven we een korte toelichting over enkele belangrijke tijdstippen die gepaard gaan met de inwerkingtreding van deze nieuwe wetgeving.   Invoering van de nieuwe wetgeving  De wet tot invoering van het Wetboek van Ven
Vanaf 1 mei 2019
Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen goedgekeurd
Op 28 februari 2019 heeft de Kamer het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (afgekort WVV) dan toch goedgekeurd. Vanaf 1 mei 2019 heeft ons land bijgevolg een nieuw vennootschapsrecht. Het huidige Wetboek van Vennootschappen - dat reeds van 7 mei 1999 dateert – is niet langer aangepast aan de hedendaagse behoeften van het bedrijfsleven. Met het WVV tracht de wetgever Belg
De revival van opstal
Opstal als stealth-vruchtgebruik?
Recent werd een opmerkelijk arrest door het Hof van Beroep van Brussel geveld inzake de belasting van te goedkope natrekking bij opstal (23 januari 2019). Ook in het verleden waren hier al een aantal uitspraken over gedaan (zie onder meer het Hof te Gent van 31 oktober 2017). De interesse omtrent het einde van opstal bestaat duidelijk bij de fiscus en de beide arresten tonen ook aan dat er soms we
Paradepaardje of toch eerder louter doekje tegen het bloeden?
Het Belgisch fiscaal consolidatieregime
Het algemene opzet met de invoering van een fiscaal consolidatieregime was duidelijk, met name het Belgische fiscale stelsel terug positief in de kijker zetten. Vele van de ons omringende landen kennen immers al jaar en dag een systeem van fiscale consolidatie en België scoorde daardoor slecht op dit punt wanneer internationale groepen een investeringslocatie moeten kiezen. De vraag die op ied
De nieuwe regels voor btw-behandeling van vouchers
De wondere wereld van btw en bonnen
Bonnen zijn een zeer populair marketing instrument. Er zijn diverse soorten bonnen: kortingsbonnen uitgegeven door een fabrikant, in te ruilen bij om het even welk verkooppunt in België, kortingsbonnen gratis verstrekt door retailers, bonnen waarmee een nieuw gelanceerd artikel gratis kan worden verkregen, cadeaucheques die kunnen worden ingewisseld voor een heel gamma producten of diensten, elek
'Pauliaanse vordering' schiet te hulp
De fiscus buitenspel zetten door het verwerpen van de nalatenschap: kan dat?
In het erfrecht hebben verschillende erfgenamen een reservataire aanspraak. Zij hebben dus recht op een minimum erfdeel. Sinds de nieuwe erfwet mag men vrij beschikken over de helft van zijn vermogen. Dit noemt men het beschikbaar deel. Als het beschikbaar deel overschreden wordt door giften, kunnen de reservataire erfgenamen de inkorting vragen. Via de inkorting eisen de reservataire erfgenamen,
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO
Registratie in de KBO onder het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
In het streven naar een aantrekkelijker ondernemingsklimaat werd er gesleuteld aan het ondernemingsrecht. Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) schaft het begrip ‘handelaar’ af en voert het nieuwe begrip ‘onderneming’ in. Het nieuwe ondernemingsbegrip heeft gevolgen voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntenbank van Ondernemingen).  Ruim
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Word jij onze nieuwe collega?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief