Verwachte wijzigingen op internationaal btw-vlak

In vorige editie hebben we de te verwachten wijzigingen op nationaal btw- vlak besproken en in dit artikel gaan we kort stilstaan bij de btw- wijzigingen die verwacht worden op internationaal gebied.               

Brexit 
In principe zouden we op 30 maart 2019 werkelijk kunnen spreken van een ‘Brexit’. Het Verenigd Koninkrijk zal dan niet langer een EU-lidstaat zijn waarmee intracommunautaire transacties worden verricht, doch een ‘derde land’ waarbij er sprake is van in- en uitvoer en de ermee gepaarde douaneformaliteiten (afhankelijk voor welk soort ‘Brexit’ uiteindelijk gekozen zal worden). Ondernemingen in het Verenigd Koninkrijk worden na de Brexit niet-EU ondernemingen. Dit zal onder meer een btw-impact hebben op hun btw-registratie (verplichte aanstelling van een aansprakelijk vertegenwoordiger), het gebruik van de MOSS-regeling, het verzoek om teruggaaf van btw, etc. Het blijft echter afwachten op meer duidelijkheid omtrent deze Brexit.                

Btw-wijzigingen inzake e-commerce 
Drempel van 10.000 EUR voor langs elektronische weg verrichte diensten, telecom- en communicatiediensten aan particulieren door EU-ondernemingen. In een vorig artikel vermeldden we reeds dat er, in het kader van het ‘VAT Action Plan’, vanaf 1 januari 2019 een nieuwe facultatieve omzetdrempel ingevoerd zal worden van 10.000 EUR voor langs elektronische weg verrichte diensten, telecom- en communicatiediensten, aan particulieren en andere niet-btw plichtige afnemers. (Verwijzing naar artikel EDIJ ‘Europa kondigt grootse btw-hervorming aan: eerste wijzigingen in werking vanaf 1 januari 2019). In principe moeten dergelijke dienstverrichters de btw van het land van hun klant aanrekenen over hun dienstverlening. Zolang echter de drempel van 10.000 EUR aan omzet niet zal worden overschreden in het huidige of vorige kalenderjaar, mogen zij de btw aanrekenen van hun land van vestiging. Zo kunnen ze de toepassing van de MOSS-regeling of een btw-registratie in andere lidstaten, en dus de ermee gepaard gaande administratieve lasten en kosten, vermijden wanneer hun samengetelde omzet in alle EU-lidstaten uit deze dienstverlening aan particulieren of niet-btw plichtige afnemers onder deze drempel blijft.

Andere wijzigingen inzake langs elektronische weg verrichte diensten, telecom- en communicatiediensten aan particulieren of niet-btw plichtige afnemers. Ook over volgende wijzigingen vanaf 1 januari 2019 berichtten we reeds in voormeld artikel:

  • De dienstverrichter zal nog maar één bewijselement dienen aan te voeren om de woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats van zijn klant aan te tonen (in plaats van twee op dit ogenblik). Dit echter voor zover zijn jaaromzet behaald uit elektronische, telecom- of omroepdiensten niet hoger is dan 100.000 EUR. Volgende bewijsstukken zijn onder meer mogelijk: bankgegevens, mobiele landencode van een SIM kaart, IP adres, factuuradres, ….
  • Ondernemingen die buiten de EU gevestigd zijn en reeds beschikken over een btw-registratie in een EU-lidstaat voor andere activiteiten, zullen ook toepassing kunnen maken van de MOSS-regeling voor niet-EU ondernemingen.
  • Deze dienstverrichters zullen hun facturen mogen opstellen volgens de facturatieregels van hun land van vestiging (dit zal ook voor afstandsverkopen het geval zijn).               

Andere wijzigingen in het kader van het VAT action plan

Invoering van het begrip ‘Certified Taxable Person’ (CPT) 
Voor dit nieuwe begrip werd de mosterd vermoedelijk gehaald bij de douanereglementering waar men een gelijkaardig begrip kent (AEO of Authorized Economic Operator). Wanneer EU btw-plichtigen aan specifieke criteria voldoen (bv. financieel solvabel zijn, geen ernstige inbreuken op belasting- of douanewetgeving noch ernstige strafrechtelijke inbreuken hebben gepleegd, een goede, betrouwbare interne bedrijfscontrole hebben, …), zullen zij in hun lidstaat van vestiging een certificaat kunnen aanvragen waarmee zij binnen de gehele Europese Unie beschouwd zullen worden als een betrouwbare btw-plichtige. Eenmaal deze status verworven, zullen zij beroep kunnen doen op allerlei vereenvoudigde procedures (zie verder).  

In principe zou dit begrip in 2019 ingevoerd worden en zou het via VIES duidelijk moeten zijn welke marktdeelnemers ‘Certified Taxable Persons’ zijn. AEO-gecertificeerden zouden deze status in principe automatisch verkrijgen. Gezien de laatste Europese berichten, is het echter nog af te wachten of en wanneer dit begrip daadwerkelijk ingevoerd gaat worden.  

Invoering van vier ‘Quick Fixes’. 
Europa heeft de bedoeling om het btw-stelsel grondig te hervormen teneinde het moderner, eenvoudiger, toegankelijker en meer fraudebestendig te maken (‘het VAT Action Plan). Onder meer zou een nieuw definitief stelsel voor intracommunautair goederenvervoer ingevoerd worden, waarbij het huidige systeem van enerzijds de vrijgestelde intracommunautaire levering en anderzijds de belaste intracommunautaire verwerving zal verdwijnen (en daarmee ook de gepaard gaande carrousel-fraudes hopelijk). Er zou slechts sprake blijven van één enkele intracommunautaire transactie welke belastbaar zal zijn in het land van bestemming. In principe zal de leverancier deze btw verschuldigd zijn. Hij zal deze dan kunnen afdragen via een portaalsite in zijn eigen lidstaat van vestiging (vergelijkbaar met de MOSS-regeling), zodat hij zich niet voor btw-doeleinden moet registreren in de lidstaat van bestemming. Is echter de leverancier niet gevestigd in de lidstaat van bestemming én zijn afnemer erkend als betrouwbare btw-plichtige (Certified Taxable Person), dan kan de btw verlegd worden naar deze afnemer.  

Het zou de bedoeling zijn om deze hervorming op 1 juli 2022 door te voeren. Niettemin heeft de Europese Commissie eind vorig jaar alvast een aantal maatregelen voorgesteld. De eerste drie maatregelen zouden enkel voorbehouden zijn voor Certified Taxable Persons:

  • een vereenvoudigde regeling voor het aanhouden van een goederenvoorraad in een andere EU-lidstaat met de bedoeling deze goederen aldaar rechtstreeks aan klanten te verkopen;
  • een vereenvoudigde bewijslast voor het aantonen van vervoer in een vrijgestelde intracommunautaire levering (in de periode voorafgaand aan de inwerkingtreding van het definitieve stelsel;
  • een vereenvoudiging van de wijze waarop het vervoer in kettingverkopen toegerekend kan worden aan één enkele levering;
  • invoeging van de voorlegging van een geldig btw-identificatienummer van de afnemer (VIES-attest), toegekend door een andere EU-lidstaat dan de lidstaat van vertrek van de goederen, als materiële voorwaarde voor de vrijgestelde intracommunautaire levering van goederen.  

De bedoeling was dat de EU-lidstaten deze maatregelen reeds in 2019 zouden omzetten in hun nationale regelgeving. Echter lezen we dat er op de Ecofin raad van 22 juni 2018 geen overeenstemming bereikt is over deze maatregelen. Het blijft dus nog afwachten of de maatregelen er gaan komen en zo ja, wanneer.  

Beperking van het aantal vennootschapsvormen
Help, mijn vennootschapsvorm bestaat binnenkort niet meer!
Het WVV is op komst Op 4 juni 2018 werd het “wetsontwerp tot invoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen” ingediend in de kamer, waarmee we aan de vooravond staan van de grootste hervorming van het vennootschapsrecht sinds de invoering van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen de dato 30 november 1935. Deze grondige hervorming van het vennootschapsrecht g
Wat zijn de gevolgen?
Vlabel teruggefloten door Raad van State inzake de gesplitste verkrijging en inschrijving van blote eigendom en vruchtgebruik
Na een jarenlange betwisting tussen belastingplichtigen en Vlabel, heeft de Raad van State het standpunt van Vlabel vernietigd.
Één van de actiepunten van de ATAD-richtlijn
Impact invoering Belgische CFC wetgeving: de facto verstrenging van de transfer pricing regels?
Vanaf 1 januari 2019 (aanslagjaar 2020) zal in België, omwille van de implementatie van de ATAD-richtlijn1, de nieuw te introduceren CFC-regel in werking treden. Deze nieuwe wetgeving dient in het ruimere kader van het Zomerakkoord en de hervormingen in de Belgische vennootschapsbelasting geplaatst te worden, die net zoals de CFC-wetgeving mede voortvloeien uit de reeds ruim besproken implementat
Een kort overzicht
Wat te verwachten op (nationaal) btw-vlak?
Ondanks het feit dat velen onder ons nog in zomer(-vakantie)modus verkeren, staan we in dit artikel graag toch al eens even stil bij de btw-wijzigingen die we (mogelijks) in de nabije toekomst mogen verwachten. Het betreft hier een kort overzicht. Voor een diepgaandere toelichting kunnen jullie uiteraard steeds contact opnemen met ons btw-team.  Vouchers (1 januari 2019)  In juni 201
Is uw organisatie meldingsplichtig?
Goed begonnen is half werk: Bereid uw organisatie voor op de go live van het UBO-register
Op 31 oktober 2018 gaat het register van uiteindelijke begunstigden (het “UBO-register”) live. Wij overlopen voor u waar uw organisatie mee rekening moet houden. 
Afhankelijk van de aard en herhaling van de overtreding
Boeteschalen vastgelegd voor de niet-naleving van de transfer pricing documentatieplicht
Vanaf aanslagjaar 2017, meer bepaald sinds de inwerkingtreding van de verplichte transfer pricing documentatieplicht, werd onmiddellijk opgenomen dat er vanaf een tweede overtreding waarbij men niet voldoet aan de transfer pricing verplichtingen een boete kan opgelegd worden gaande  van 1.250 EUR tot 25.000 EUR (Artikel 445, §3 Wetboek Inkomstenbelastingen 1992). De schalen van de administra
Er worden maar liefst 31 vragen beantwoord
FAQ rond de aftrek voor innovatie-inkomsten gepubliceerd
Op 26 juli 2018 publiceerde de FOD Financiën op Fisconet - u kan zich gratis registreren om de FAQ te raadplegen - de langverwachte FAQ met betrekking tot de aftrek voor innovatie-inkomsten. Sinds de wet van 9 februari 2017 tot invoering van de aftrek voor innovatie-inkomsten volgt aldus nu de eerste bijkomende commentaar bij de wetsbepalingen van art. 205/1 t.e.m. 205/4 Wetboek Inkomsten
De belangrijkste wijzigingen voor u opgelijst
Onroerende verhuur met btw | versie 2.0
Het wetsontwerp van 30 maart 2018 werd na advies van de Raad van State nog op diverse punten aangepast en op 31 juli 2018 ingediend bij het Parlement. Hieronder geven we de belangrijkste wijzigingen mee. Optie tot verhuring van gebouwen met btw  Basisvoorwaarden De basisvoorwaarden om de optie tot verhuur van een gebouw met btw te kunnen uitoefenen blijven ongewijzigd: Het moet g
Het verschil in behandeling wordt weggewerkt
VAA onroerende goederen: fiscus legt zich (voorlopig) neer bij rechtspraak
De FOD Financiën publiceerde op 15 mei 2018 een circulaire 2018/C/57 met betrekking tot de forfaitaire waardering van het voordeel van alle aard.
Een boeiende uiteenzetting rond MBI, opnieuw in oktober
Management Buy-In: spannend én uitdagend
Op Donderdag 7 juni organiseerde Moore Stephens Belgium in de Drongense S.M.A.K lounge, in samen werking met 3W Executive Interim Management alsook met onze partners Sherpa Law en het Business Coaches Network, een interactieve lezing omtrent Management Buy-In (MBI). Filip Van de Vliet kwam zijn persoonlijke Management Buy-In ervaring delen. Lars Raedschelders gaf meer duiding over de financieri
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief