Impact van de Brexit op de registratie- en erfbelasting

De spanning in het Verenigd Koninkrijk is te snijden. De initiële datum van de Brexit, 29 maart 2019, werd inmiddels opgeschoven. Naargelang er een akkoord wordt goedgekeurd of niet op 29 maart, wordt de datum van de Brexit opgeschoven naar 12 april in geval van een harde Brexit (zonder akkoord) en naar 22 mei in geval van een zachte Brexit (met akkoord). Het is een evidentie dat de Brexit zich op fiscaal vlak zal laten voelen, en dit zowel in het domein van de directe als de indirecte belastingen.  

Ook wat betreft de Vlaamse registratie- en erfbelasting zullen de gevolgen voelbaar zijn. Enkele voorbeelden hiervan: 

  • Familiale vennootschappen die hun zetel van werkelijke leiding in het Verenigd Koninkrijk (hierna ‘VK’ genoemd) hebben, zullen buiten het gunstregime (cfr. 0%) van de schenking van aandelen vallen (art. 2.8.0.6.3 VCF). Een schenking van aandelen van een familiale onderneming of vennootschap met zetel van werkelijke leiding in het VK zal onderworpen worden aan een tarief van 3% (in rechte lijn en tussen echtgenoten en partners) of 7% (in andere gevallen).   

    Dit geldt overigens ook voor de vererving van een familiale vennootschap. Na de Brexit zal niet meer het gunstregime van 3% van toepassing zijn, maar het tarief tot 27% voor verkrijgingen in rechte lijn en het tarief tot 55% tussen alle anderen.  
     
  • Het gunsttarief van 5,5% van schenkingen aan een openbare instelling van een publiekrechtelijk rechtspersoon, vzw, private stichting of stichting van openbaar nut etc. (art. 2.8.4.1.1, §3 VCF) is enkel van toepassing als de begunstigde gevestigd is binnen de EER.   

    Dit geldt ook voor het verlaagd tarief van legaten van 8,5% (art. 2.8.4.1.1, §3 VCF) aan een openbare instelling van een publiekrechtelijke rechtspersoon, vzw, private stichting of stichting van openbaar nut. Paragraaf 2 van dit artikel stelt immers dat dit gunsttarief ook geldt voor gelijksoortige rechtspersonen die opgericht zijn volgens en onderworpen zijn aan de wetgeving van een andere EER-lidstaat én hun statutaire zetel, hoofdbestuur of hoofdvestiging binnen de EER hebben.   

    Na de Brexit kunnen instellingen gevestigd in het VK dus niet meer genieten van deze gunstregelingen voor schenkingen en legaten.   
     
  • Een contract tot vestiging van erfpacht- of opstalrecht en tot de overdracht ervan ten voordele van een rechtspersoon gelijkaardig aan een vzw wordt normaal gezien onderworpen aan een tarief van 0,5% wanneer de rechtspersoon onderworpen is aan de wetgeving van een lidstaat in de EER én de hoofdvestiging binnen de EER ligt (art. 83, 3° W.Reg.). In alle andere gevallen -dus ook in het geval van het VK- wordt het recht vastgesteld op 2%. 
     
  • Inwoners van het VK die erfgenaam, legataris of begiftigde zijn in een Vlaamse nalatenschap waarin roerende goederen zitten, zullen een waarborg tot betaling van de erfbelasting moeten storten (art. 3.10.5.5.1 VCF). Dit zal onaangename gevolgen voor de praktijk met zich meebrengen, want voordat de bevoegde ambtenaar een getuigschrift heeft afgeleverd waarin staat dat alle bepalingen nageleefd werden, mogen de zegels niet gelicht worden, de goederen van de nalatenschap niet verkocht worden en mag er geen akte van verdeling worden opgesteld (art. 3.10.5.5.1, lid 3 VCF).  
     
  • Inwoners van het VK zullen na de Brexit recht hebben op de langere aangiftetermijn voor de aangifte van hun nalatenschap in België; deze bedraagt namelijk 6 maanden voor overlijdens buiten de EER i.p.v. 5 maanden voor overlijdens binnen de EER (art. 3.3.1.0.3, §2 VCF).   
     
  • De invordering van de erfbelasting wordt geen twee maanden meer geschorst wanneer een rechtspersoon in het VK een legaat krijgt dat aan een machtiging van de overheid onderworpen is (art. 3.10.1.1.3 VCF). Deze verplichting geldt immers enkel voor rechtspersonen met statutaire zetel, hoofdbestuur of hoofdvestiging binnen de EER.   

Hoewel bovenstaande lijst louter exemplatief is, blijkt het dat er meer nadelen verbonden zijn aan de uitstap van het VK uit de EER dan voordelen. De tarieven stijgen en voor een inwoner van het VK die in aanraking komt met een Vlaamse nalatenschap worden de administratieve formaliteiten een stuk zwaarder. 

Wat de gevolgen ook zijn, onze teams volgen de veranderingen op de voet op. Voor verdere vragen mag u steeds contact opnemen met ons team.   

Heeft het nieuw ondernemingsbegrip gevolgen voor u?
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO – verduidelijking voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid
In een vorig artikel lichtten we al toe dat de invoering van het begrip ‘onderneming’ in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) ook gevolgen heeft voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntbank van Ondernemingen). Hier willen we dieper ingaan op de inschrijvingsplicht voor ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid.  Gevolg verruimd ondernemingsbegrip  Door h
Een versoepeling voor KMO's
Nieuwe interestaftrekbeperking biedt vooral ook opportuniteiten
Als onderdeel van de hervorming van de vennootschapsbelasting van eind 2017 werd ook een nieuwe interestaftrekbeperking ingevoerd.
Enkele belangrijke tijdstippen uitgelicht
Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
Reeds geruime tijd werd het nieuwe vennootschaps- en verenigingsrecht aangekondigd en op 28 februari 2019 werd de wet goedgekeurd door de Kamer. Hieronder geven we een korte toelichting over enkele belangrijke tijdstippen die gepaard gaan met de inwerkingtreding van deze nieuwe wetgeving.   Invoering van de nieuwe wetgeving  De wet tot invoering van het Wetboek van Ven
Vanaf 1 mei 2019
Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen goedgekeurd
Op 28 februari 2019 heeft de Kamer het langverwachte Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (afgekort WVV) dan toch goedgekeurd. Vanaf 1 mei 2019 heeft ons land bijgevolg een nieuw vennootschapsrecht. Het huidige Wetboek van Vennootschappen - dat reeds van 7 mei 1999 dateert – is niet langer aangepast aan de hedendaagse behoeften van het bedrijfsleven. Met het WVV tracht de wetgever Belg
De revival van opstal
Opstal als stealth-vruchtgebruik?
Recent werd een opmerkelijk arrest door het Hof van Beroep van Brussel geveld inzake de belasting van te goedkope natrekking bij opstal (23 januari 2019). Ook in het verleden waren hier al een aantal uitspraken over gedaan (zie onder meer het Hof te Gent van 31 oktober 2017). De interesse omtrent het einde van opstal bestaat duidelijk bij de fiscus en de beide arresten tonen ook aan dat er soms we
Paradepaardje of toch eerder louter doekje tegen het bloeden?
Het Belgisch fiscaal consolidatieregime
Het algemene opzet met de invoering van een fiscaal consolidatieregime was duidelijk, met name het Belgische fiscale stelsel terug positief in de kijker zetten. Vele van de ons omringende landen kennen immers al jaar en dag een systeem van fiscale consolidatie en België scoorde daardoor slecht op dit punt wanneer internationale groepen een investeringslocatie moeten kiezen. De vraag die op ied
De nieuwe regels voor btw-behandeling van vouchers
De wondere wereld van btw en bonnen
Bonnen zijn een zeer populair marketing instrument. Er zijn diverse soorten bonnen: kortingsbonnen uitgegeven door een fabrikant, in te ruilen bij om het even welk verkooppunt in België, kortingsbonnen gratis verstrekt door retailers, bonnen waarmee een nieuw gelanceerd artikel gratis kan worden verkregen, cadeaucheques die kunnen worden ingewisseld voor een heel gamma producten of diensten, elek
'Pauliaanse vordering' schiet te hulp
De fiscus buitenspel zetten door het verwerpen van de nalatenschap: kan dat?
In het erfrecht hebben verschillende erfgenamen een reservataire aanspraak. Zij hebben dus recht op een minimum erfdeel. Sinds de nieuwe erfwet mag men vrij beschikken over de helft van zijn vermogen. Dit noemt men het beschikbaar deel. Als het beschikbaar deel overschreden wordt door giften, kunnen de reservataire erfgenamen de inkorting vragen. Via de inkorting eisen de reservataire erfgenamen,
Ruimere inschrijvingsplicht in de KBO
Registratie in de KBO onder het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
In het streven naar een aantrekkelijker ondernemingsklimaat werd er gesleuteld aan het ondernemingsrecht. Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (“WVV”) schaft het begrip ‘handelaar’ af en voert het nieuwe begrip ‘onderneming’ in. Het nieuwe ondernemingsbegrip heeft gevolgen voor de inschrijving in de KBO (Kruispuntenbank van Ondernemingen).  Ruim
Het voordeel is een belastbaar VAA
Voortaan fiches en bedrijfsvoorheffing bij voordelen toegekend door buitenlandse ondernemingen
Moet, op een voordeel ontvangen van een buitenlandse vennootschap, bedrijfsvoorheffing worden ingehouden? Die vraag dient thans in de meeste situaties negatief te worden beantwoord.
Hoe aftrekbaar zijn uw restaurantkosten?Download de fiscale gids

Word jij onze nieuwe collega?

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief